“Deze Kamer is gisteren onderworpen,” aldus Kamerlid Markuszower. Onderworpen: “aan een ideologie die democratie en vrijheid en tolerantie … daar heeft die ideologie niks mee.” Dat is nogal wat als je het zo hoort. Wat is er gebeurd? Tijdens een commissiedebat in de Tweede Kamer vorige week, vroeg DENK Kamerlid Ergin of de geplande pauze een kwartiertje eerder kon beginnen zodat hij kon deelnemen aan de iftar. De commissie stemde er in meerderheid mee in en zo geschiedde. Niets aan de hand zou je zeggen. Toch wel. Markuszower: “De vergadering is onderbroken voor een iftar. We zijn dus tolerant geweest voor de intoleranten. Dat is de eerste stap naar islamisering van het parlement. Die stap moeten we terugdringen en daar wil ik graag mee in debat met u.” Die u waarmee Markuszower in debat wil, is de Tweede Kamer zelf. Bijzonder, van niets iets maken is een kunst.

Echt bijzonder is dat dit niets dat al iets was geworden, vervolgens door een deel van de Kamer werd opgeblazen tot mythische proporties. SGP Kamerlid Flach: “Ik ben het eens met de heer Markuszower. Dat dit gisteren gebeurd is moet eens maar nooit weer zijn.” PVV Kamerlid Boon: “We hebben allemaal gezien dat Nederland gisteren een stukje verder geïslamiseerd is met steun van het CDA en VVD. Het was eigenlijk een zwarte dag voor Nederland.” Kamerlid Keijzer: “volgens mij was gisteren een bedrijfsongeval.” JA21 Kamerlid Ceulemans: “Meneer was de laatste die nog aan het woord kwam. Maar er moest demonstratief worden geschorst zodat meneer dadeltjes kon gaan eten. … Het was totale aandachtstrekkerij en heel triest dat het gehonoreerd is.” Een kongsi tussen extreem rechts en christenfundamentalisme. Beiden vinden elkaar in hun afkeer van vreemdelingen en zeker als die vreemdelingen islamiet zijn. Het debat komt er niet want de vraag erom kreeg onvoldoende steun.1
Daarmee was de kous af. Of toch niet? Het hele gebeuren was voor de SGP Kamerleden Flach en Van Dijk aanleiding om een artikel te schrijven dat voor De Telegraaf van voldoende kwaliteit was om te plaatsen. Volgens de heren is een islamitische iftar: “niet zomaar een gezellig etentje. Het is een religieus moment waarbij Allah wordt aanbeden.”… Omdat er bij de iftar een gebed tot Allah moet worden uitgesproken, is er bijna altijd een imam bij. Vaak bid hij de Shahada: een tekst die verre van onschuldig is. De Nederlandse vertaling: Ik getuig dat er geen god is die aanbeden mag worden, behalve Allah en ik getuig dat Mohamed zijn profeet is.” Voor een belijdend christen zijn Kerst, Pasen en Pinksteren ook niet zomaar gezellige etentjes, maar religieuze momenten waarbij God aanbeden wordt. Ook daarbij worden gebeden uitgesproken waarin die God wordt geheiligd en niet alleen door de gelovige maar door de hele wereld. Voor die christen is er ook maar één God die aanbeden mag worden en je komt tot die God via de woorden van zijn zoon Jezus.
Dat moslims de iftar vieren, vinden de beide heren niet zo erg. Het wordt erg als: “politici en bestuurders in grote getale aanwezig zijn bij iftar-vieringen.” Dat: “lijkt op het eerste gezicht misschien sympathiek,” zo vervolgen ze: “En we begrijpen de bedoeling : verbinding leggen met alle groepen in de samenleving.” Daarbij, zo vervolgen de twee heren: “wordt één ding vergeten: Nederland kent een joods-christelijke traditie en de religie waarvoor zij de rode loper uitrollen is in zichzelf anti-joods en antichristelijk. Het is daarom op z’n minst bedenkelijk te noemen om onder het mom van inclusie iftars bij te wonen waar uitsluiting gepredikt wordt.”
Ik vraag me dan, zoals ik al vaker heb gedaan, af waar die joods-christelijke traditie uit bestaat? Als ik de laatste pakweg 1500 jaar van 2000 jaar dat het christendom als religie op de aarde rondwaart bekijk, dan moet die traditie er wel haast uit bestaan dat christenen hun joodse medemensen discrimineren, vervolgen en vermoorden. Een traditie met als dieptepunt de Holocaust. Over anti-joods gesproken. Datzelfde christendom voerde vanaf het einde van de elfde eeuw negen kruistochten tegen de islam. Over anti-islam gesproken. De Verenigde Staten zijn nu druk bezig er een tiende aan toe te voegen als je de woorden van, en tatoeage op het lijf van, de minister van oorlog van het land gelooft.
Als er iets monotheïstische religies, en het zijn alle drie monotheïstische religies, kenmerkt dan is het het geloof in de superioriteit van het eigen geloof. Als er verder nog iets is wat al drie deze religies kenmerkt, dan is het dat er onder hun vlag een keur aan stromingen schuil gaan die ‘de heilige boodschap’ allemaal net iets anders uitleggen. Stromingen die elkaar vaak met woorden en soms ook met daden een kopje kleiner maken. Vooral het christendom heeft op dat gebied een grote geschiedenis. Nadat Luther in 1517 zijn 95 stellingen op de kerkdeur in Wittenberg spijkerde, brak een periode van zo’n twee eeuwen van godsdienstoorlogen uit waarbij, afhankelijk van wie je het vraagt, tussen de zes en zeventien miljoen doden vielen.
Het lijkt erop dat beide politici de welbekende hamer zijn die in alles een spijker ziet. Door hun fundamentalistische, orthodoxe gereformeerde denken hebben ze het contact met de wereld verloren. Ze geloven dat iedere gelovige, vooral als het een islamiet is, uit is op werelddominantie. Dat ze hun strikte leer van het vieren van Kerst als maat zien voor hoe Kerst gevierd wordt en vergeten dat het voor het gros van de mensen het religieuze karakter vrijwel afwezig is en is vervangen door cadeautjes en veel eten. Wat ze daarbij ook vergeten is dat het parlementaire werk, de aanleiding voor deze enorme luchtballon, rond Kerst en Pasen een reces kent en dat er nooit op zondag, hun dag van de Heer, nooit wordt vergaderd. Zij als christen, hoeven geen schorsing te vragen om hun ‘feest’ te mogen vieren. Dan klagen over: “een voorkeursbehandeling van de islam,” en beweren dat: “De islam (…) een steeds dominantere voorrangspositie” krijgt en: “Het christendom wordt steeds meer naar de achtergrond geduwd, terwijl Nederland juist christelijke wortels heeft,” is een gotspe. Waar is hier trouwens die joodse kant gebleven?
De beide gereformeerde broeders eindigen met de woorden: “Onze oproep aan politiek- en bestuurlijk Nederland is daarom duidelijk: laat je voeden vanuit onze eigen joods-christelijke traditie en ga vooral niet over tot islamitische kost!” Mijn oproep: luister niet naar deze deze intolerante zeloten. Onze prettige democratische rechtsstaat is er ondanks en niet dankzij hun gepreek. Die is er ondanks en niet dankzij het christendom. Zij zaaien angst, verdeeldheid en uiteindelijk haat. Als het aan hen had gelegen dan leefden we in een gereformeerde theocratie waar vrouwen niets te zeggen hebben. Een soort Iran maar dan christelijk.
1 https://debatdirect.tweedekamer.nl/2026-03-10/overig/plenaire-zaal/regeling-van-werkzaamheden-15-55/video vanaf minuut 28.30