Een pleidooi voor agonisme?

Deze week keek ik naar het polsstokhoogspringen bij de Olympische Spelen. De Franse favoriet Renaud Lavillenie werd uitgejouwd door het Franse publiek. Hij was immers de enige die nog in de strijd was tegen de Braziliaanse troef en latere winnaar Thiago Braz da Silva. Lavillenie’s concentratie voor de sprong werd ruw verstoord door massaal gefluit en boegeroep van grotendeels Braziliaanse publiek. Het uitjouwen van de tegenstander is bij voetbal heel gewoon, bij atletiek niet.

 

Achterhuis

Iets later las ik het boek Met alle geweld van Hans Achterhuis uit. Een passage bleef daarbij hangen en ik moest aan Lavillenie denken: “Wanneer wij een bepaald doel nastreven dat we als overlevingsmachines aan anderen betwisten, dan verklaren we dit doel tot moreel goed waardoor wij de anderen niet simpelweg opzijschuiven maar hen als laag en minderwaardig verketterenen vervolgen: wij vechten voor idealen. Als we in de strijd om erkenning de ander miskennen en vernederen, doen we er nog en schepje bovenopdoor vanuit morele superioriteit te verkondigen dat die ander niet beter verdient. En wanneer we, tot slot, een zondebok kiezen om ons op af te reageren, is het niet voldoende dat deze zwalk is: hij moet moreel slecht zijn.” De brazilianen wilden goud voor hun man en ‘verketterden’ de Fransman.

Uitjouwen komt ook in de politiek voor en daarom bleef de passage extra hangen. Hier worden in het kort de Amerikaanse presidentsverkiezingen beschreven. Ook in het Nederlandse politieke en publieke debat is het door Achterhuis beschreven mechanisme zichtbaar. Vooral op de digitale media wordt er lustig op los verketterd. De toon en beledigingen over en weer zijn van dien aard dat elkaar met wapens te lijf gaan nog maar een kleine stap lijkt.

Partijen die door een verschil van mening eigen werelden creëren. Werelden die vooral bestaan uit het zwelgen in het moreel superieure eigen gelijk aan de ene kant en de verkettering van andersdenkenden aan de andere kant. Ze leven in verschillende werelden. De andere kant wordt bijna als een monster weggezet, als niet menselijk. En als die tegenstander eenmaal niet menselijk is, waarom zouden de mensenrechten dan nog van toepassing zijn?

In de werkelijkheid is er maar één wereld. Eén wereld waar mensen conflicten met elkaar hebben. Achterhuis citeert de Belgische politiek filosofe Chantal Muffé, zij ziet de oplossing in agonisme: “Dit betekent dat ze, hoewel ze met elkaar in conflict verkeren, elkaar zien als behorend tot dezelfde politieke gemeenschap, als deelhebbend aan een gemeenschappelijke symbolische ruimte waarbinnen het conflict plaatsvindt. We zouden kunnen zeggen dat het de taak van de democratie is om het antagonisme in agonisme te transformeren.” 

Een pleidooi voor agonisme?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s