‘Brandweertest’

Jullie hebben het, als volgers van de actualiteit, vast ook wel in de gaten. Wat? Nou dat de ondervertegenwoordiging van vrouwen in de muziekwereld een belangrijk thema is. Muzikanten zijn voor het overgrote deel mannelijk net als discjockeys en ook in de industrie eromheen zijn vrouwen een zeldzaamheid. Radio’s draaien voor het overgrote deel muziek gemaakt door mannen. Dat laatste lijkt mij dan weer een logisch gevolg van het voornamelijk mannelijk zijn van muzikanten. Volgens Rufus Kain van de Correspondent leeft: “Dit thema (…) de laatste tijd zo sterk, dat het lijkt alsof de ongelijke verhoudingen voor het eerst worden opgemerkt.” Leven is één, het veranderen is twee en daarom moet het op de agenda blijven en: “Op de agenda houden’ is meer dan een herhalingsoefening. Het is ook een zoektocht naar nieuwe perspectieven.” 

brandweertestFoto: Pixabay

Dat het thema voor Kain zo ‘sterk leeft’ zou een gevolg kunnen zijn van zijn eigen focus op dat thema. Als Kain zich had gefocust op de ‘scheve’ man-vrouwverhouding bij advocaten of kraanmachinisten, zou dat ‘thema’ dan de laatste tijd niet veel meer lijken te ‘leven’? Immers als je je op iets focust, dan neem je het ook waar. Als je bijvoorbeeld een Citroen Cactus wilt kopen, dan zie je er ineens veel meer over straat rijden. Leeft het thema dan, of leeft het thema dan alleen bij jou?

Nu zijn er veel meer beroepen waar er sprake is van een ‘scheve’ man-vrouwverhouding. Zo zijn verpleegkundigen, jeugdhulpverleners en leerkrachten op het basisonderwijs voor het overgrote deel vrouwelijk. Hoogleraren zijn dan weer voor het grootste deel mannelijk, net als stukadoors, metselaars en bosbouwers. Dus een dergelijke ‘scheefheid’ komt meer voor. Die staat op de agenda en wordt erop gehouden met ‘oude’ en ‘nieuwe’ perspectieven. De meest scheve verhouding betreft trouwens het moederschap en als spiegel daarvan, het vaderschap.

Kain legt de nadruk op een scheve man-vrouwverhouding in beroepen. Hij lijkt te pleiten voor een gelijke verdeling tussen mannen en vrouwen in beroepen. Ik vraag me af of het streven naar een gelijke man-vrouwverhouding wel een doel moet zijn. Zou het doel niet veeleer gelijke kansen voor mannen en vrouwen moeten zijn? Of nog beter, gelijke eisen en behandeling, want zoals Judith Sluiter het in de Volkskrant zegt over een test waaraan brandweermensen moeten voldoen: “Als een collega van 80 kilo boven in een brandend gebouw op de grond ligt en weggedragen moet worden, kun je niet zeggen: het gaat niet, ik roep een ander. Daar is geen tijd voor.” De test behelst het met veertig kilo op de rug honderd traptreden beklimmen.

Fabeltjeskrant-wetenschap?

Bij De Correspondent las ik een week geleden een artikel van Rufus Kain. In de titel van het artikel stelde hij  de centrale vraag: “Waarom wereldmuziek een vorm van westerse geschiedvervalsing is.” ‘Witte’ westerse muzikanten die iets overnemen uit andere landen en culturen en er succes mee hebben worden onderdeel van de popmuziek, de ‘originele’ muzikant zit in het bakje wereldmuziek en blijft onbekend.

In het artikel behandeld hij bubbling als voorbeeld. Een uitvinding van twee muzikanten van Antilliaans afkomst uit Den Haag die niemand kent. “Bubbling is een van de hoekstenen van dancemuziek. Hardwell, jaren Nederlands nummer-één-dj, begon bij bubbling. Wereldhits van Major Lazer zijn er ook op gebaseerd. De bubblingbeat is nu Nederlands trots, maar de Antilliaanse bedenkers ervan zijn na 25 jaar nog onbekend bij het grote publiek. We nemen hun stijl over én distantiëren ons van ze.” 

fabeltjeskrantIllustratie: Mediasmarties

In gesprek met de lezers kwam al snel het begrip ‘cultural appropriation’ of wel culturele toe-eigening, voorbij waarover ik al eerder schreef. In het verdere verloop van het gesprek gaf Kain aan dat het zijn uitdaging was om: “wereldmuziek, bubbling en westerse geschiedvervalsing samenbrengen in één essay.” Westerse Geschiedvervalsing? Hoezo? Wie geeft er bewust een verkeerde voorstelling van zaken? Wikipedia levert alle informatie over de geschiedenis van bubbling, zelfs meer dan Kain.

Het komt wel vaker voor dat ontdekkers onbekend zijn bij mensen, zo kent vrijwel iedereen Marc Zuckerberg of Page en Brin van Google. Wat niemand weet is dat zij zonder Tim Berners-Lee niets hadden bereikt. Berners-Lee is de grondlegger van het wereldwijde web en hij is er niet rijk mee geworden. Dat de meeste mensen dit niet weten en de uitvinders van bubbling niet kennen, is dat geschiedvervalsing? Het is hooguit onwetendheid. Als Hardwell beweerde en ermee wegkwam dat hij bubbling of Elvis dat hij de Rock & Roll uitvond, dat zou geschiedvervalsing zijn.

Het artikel en het gesprek met Kain gaf mij het gevoel dat het niet zozeer ging om de uitvinders van bubbling te eren of een les muziekgeschiedenis te geven. Maar het lijkt er meer op dat er iets moet worden ‘bewezen’. Dat ‘iets’ is een vooropgezette plan van de ‘witte westerse (liefst boze) man’ om de wereld te domineren.

Dit gevoel werd nog versterkt toen ik ook bij De Correspondent een artikel las van Malique Mohamud: “de (linkse) liberalen stellen de verkeerde vragen. Waarom hebben we het niet over de oorzaken? Waar is het historische besef? Waar is de koloniale geschiedenis? En wat is de historische context van onze economische welvaart? Waarom concentreert die zich bij een minderheid?” Volgens Mohamud kostte “Het gebrek aan historische kennis en gevoel voor causaliteit (…) Hillary Clinton en daarmee de Democraten de verkiezing.”

Ja, waarom concentreert welvaart zich bij een minderheid? Daar zijn in het verleden al aardig wat boeken over geschreven. Karl Marx gaf hier in zijn belangrijkste werk Daß Kapital een goede verklaring voor. Recenter gaf Thomas Piketty in zijn boek Kapitaal in de eenentwintigste eeuw en Joseph Stiglitz in zijn boek The Price of Inequality er er ook een hele goede verklaring voor.

Alleen krijg ik het gevoel dat Mohamud bedoelt dat de welvaart bij weer die ‘witte (boze) man’ terecht is gekomen. De titel van zijn artikel (Hoe we de angsten van witte mensen serieus kunnen nemen) maakt dit in ieder geval heel plausibel. Waar komt toch het generaliserende beeld vandaan dat ‘witte mensen’ boos en bang zijn? De antwoorden op de vragen die ‘(linkse) liberalen’ niet stellen, moeten onderbouwen dat er een vooropgezet plan is van de ‘witte westerse (alweer boze) man’ om de wereld te exploiteren? Als dat plan er zou zijn, hoe komt het dan dat veel van die ‘witte mannen’ niet tot de minderheid behoren waar de welvaart zich concentreert? En waar komt die groep ‘zwarte (blije) mannen’ vandaan is die in welvaart leven? Of zijn dat alleen maar ‘excuustruussen’?

Mohamud en Kain haken aan bij het denken over de ‘witte onschuld’ van Gloria Wekker zoals zij dat in het begin van dit jaar bij De Correspondent uiteenzette; het denken dat ook Sunny Bergman in haar greep heeft zoals ik vorige week schreef. Is dit denken niet een mening of een redenering, aangezien een deugdelijke onderbouwing wordt niet geleverd? Wekker verwijst in haar Correspondent-artikel naar het ‘cultureel archief’ van Edward Said waarmee West-Europese landen: “de plicht hadden om zich buiten hun eigen gebied te begeven en andere volkeren aan zich te onderwerpen.” Waar is dat ‘bijna zeshonderd jaar oude Risk-opdrachtkaartje’, waarover ik eerder schreef, waaruit dit blijkt? Er wordt onderling verwezen naar elkaars mening, maar hiervoor geldt niet dat iets ‘waar’ of ‘feit’ wordt als je het maar vaak genoeg herhaald. Het krijgt pas gewicht als het wordt onderbouwd met documenten en bronnen die aantonen dat er sprake is van een vooropgezet plan van die ‘witte man’. Een plan dat tevens een ‘paragraaf’ bevat over hoe dit bij alle ‘witte mannen’ wordt ingeplant.

Dat er in Nederland te weinig aandacht wordt besteed aan het verleden, in het bijzonder het verleden van gekleurde Nederlanders, zal ik als historicus niet ontkennen, dit moet evenwichtiger. Die lacune wordt niet opgelost door er ongefundeerd op los te theoretiseren zonder een degelijke bodem. Peter Sloterdijk beschrijft het treffend in zijn boek Het Kristalpaleis uit 2006 (orginele Duitse uitgave is van 2004). Ook Sloterdijk erkent dat een meer ‘symetrisch wereldbeeld’ zoals hij het noemt nodig is. Het schiet echter te ver door als: ”Men (…) intussen zo vrij (is) om te stellen dat de Europeanen in oktober 1492 door Caribische inboorlingen ontdekt werden. Voor de bedroefde ontdekkers bleek het voortaan raadzaam om gegevens te verzamelen ter bestudering van hun bezoekers; deze archieven hoeven alleen nog geëvalueerd te worden.”

Is het denken van Kain, Mohamud, Wekker en Bergman  niet een vorm van fabuleren? Fabuleren dat leidt tot een pseudo-wetenschappelijke Fabeltjeskrant, een schadelijke Fabeltjeskrant omdat hij ‘witte boze mannen’ zelf creëert? Fabuleren met een tweede kwalijke kant, de ontkenning of zelfs maar twijfel eraan wordt door de aanhangers ervan gezien als een bevestiging ervan, de ontkenner/twijfelaar leidt immers aan ‘witte superioriteit’. Is het daarmee niet op twee manieren een gevaarlijke self fulfilling prophecy?