Leugens en halve waarheden

‘Besteed daar toch geen aandacht aan’, dat zal mijn partner zeggen als ze de aanleiding voor deze Prikker leest. Zoals altijd antwoord ik haar dan met de woorden dat ik mezelf de opdracht heb gegeven om ‘kromme redeneringen en rammelend beargumenteerde standpunten aan de kaak te stellen’ en dat hier sprake is van meer dan dat.

Bij De Dagelijkse Standaard kwam ik een bericht tegen met als kop erboven: Pepijn van Houwelingen: de ware aard van de Tweede Kamer is totalitair en enorm griezelig. Stevige woorden die mijn aandacht trokken. “De Kamer heeft altijd grote woorden over het belang van burgerrechten, democratie, diversiteit, de integriteit van het menselijk lichaam. Maar hoe stemmen ze nou als puntje bij paaltje komt?” Zo lees ik in het artikel en hoor ik Kamerlid Van Houwelingen zeggen als je op het erin opgenomen twitterberichtje klikt. Gelukkig, zo zouden we moeten constateren, is daar de ‘ridder op het witte paard’ de ‘prins die sneeuwwitje wakker kust’ in de vorm van het Forum voor Democratie. Die dwingt de ander partijen en dus de Kamer om via stemming hun ware gezicht te laten zien. En dat gezicht is, als we Van Houwelingen mogen geloven, een ‘inhumaan en totalitair gelaat’. Dat is nogal een beschuldiging.

Bron: pxhere

Van Houwelingen: “Als het bijvoorbeeld gaat over dezelfde rechten voor gevaccineerden en ongevaccineerden, dan stemt de Kamer daar tegen. Dat willen ze niet garanderen” Dat is nogal een bewering. Je vaccinatiestatus mag, daar komt Van Houwelingens betoog in de basis op neer, niet gebruikt mogen worden om je de toegang tot een kroeg of voetbalstadion te weigeren. Want als je dat doet, dan is er sprake van discriminatie. Bij die redenering plaatste ik eind vorig jaar de nodige kritische kanttekeningen door onder andere te constateren dat er niet zoiets  bestaat als ‘het recht op de kroeg.’  Dat ga ik hier niet nog een keer overdoen.

Op de achtergrond een foto van de uitslag van de stemming en inderdaad stemde een meerderheid tegen de motie. Als je goed kijkt, dan zie je dat er boven die uitslag net iets anders staat dan Van Houwelingen beweert en dan in de motie is opgenomen. De motie: “verzoekt de regering om de rechten van ongevaccineerden te allen tijde te garanderen, opdat zij niet gediscrimineerd worden.”  Dat is net iets anders dan van Houwelingen beweert. De Kamer stemt niet tegen gelijke rechten voor de beide groepen, maar tegen het te allen tijde garanderen van de rechten van één groep.

Er is meer. Want wat niet in beeld staat, maar wat een integraal onderdeel is van de motie, is de overweging die eraan vooraf gaat, die luidt bij deze motie: “De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat het kabinetsbeleid het afgelopen jaar voor discriminatie van ongevaccineerden heeft gezorgd.” Voor Van Houwelingen een ‘altijd-prijs-motie’. Hadden de tegenstemmers ermee ingestemd dan had Van Houwelingen daar de trom over geroerd. Dan hadden de partijen die met veel kritische kanttekeningen met het coronabeleid hebben ingestemd, het verwijt gekregen dat ze zich schuldig hebben gemaakt aan discriminatie.

Dan een tweede motie. Ook daar stemde de Kamer met eenzelfde verdeling tegen. Nu is die motie zodanig geformuleerd dat je haar op verschillende manieren kunt uitleggen. Lees mee: “De Kamer, gehoord de beraadslaging, spreekt uit dat ongevaccineerden vanwege hun vaccinatiestatus nooit beboet of opgesloten mogen worden, en gaat over tot de orde van de dag.”  Wat staat hier? Staat hier dat de vaccinatiestatus nooit een reden mag zijn voor een boete of gevangenschap? Of staat hier dat ongevaccineerden nooit een boete mogen krijgen of gevangen mogen worden gezet? Vaccinatiestatus is geen reden om iemand te straffen, het is echter ook geen reden om iemand te vrijwaren van straf.

Maar laten we van het eerste uitgaan. Dat lijkt een redelijke eis. De vraag  is echter of er geen omstandigheden kunnen zijn waarbij een boete of straf nodig is. Het aannemen van deze motie maakt dat onmogelijk. Het niet aannemen van deze motie houdt deze mogelijkheid open. Maar het openhouden van deze mogelijkheid betekent niet dat je vaccinatiestatus nu een reden is voor een boete. Voordat het zover is, als die specifieke omstandigheid zich ooit voordoet, stroomt er nog het nodige water door de Maas en zal de Kamer dan een afweging moeten maken of een boete of gevangenschap passend is. De motie betekent niet dat de rechten van ongevaccineerden daarmee niet veilig zijn. Ze zijn net zo veilig als de rechten van gevaccineerden. Het aannemen van die motie zou juist ongelijke behandeling mogelijk maken. De motie laat namelijk het beboeten en gevangenzetten van gevaccineerden open.

Dan een derde motie die Van Houwelingen in zijn korte filmpje aanhaalt. Een motie waarin de regering wordt verzocht: “om bij het samenstellen van het OMT rekening te houden met meerdere perspectieven en ervoor te zorgen dat «tegendenkers» ook vertegenwoordigd zijn.”  Dit omdat, zo is in de overweging te lezen: “uiteenlopende meningen belangrijk zijn om tot een weloverwogen besluit te komen.”  Ook deze motie werd met eenzelfde stemverdeling verworpen. Nu gaan mijn haren recht overeind staan als ik lees dat ‘uiteenlopende meningen’ belangrijk zijn om tot een weloverwogen besluit te komen. Een besluit moet worden genomen op basis van argumenten en kanttekeningen bij de verschillende keuzemogelijkheden. Argumenten en kanttekeningen die zo goed als kan worden onderbouwd met feiten en de wetenschappelijke inzichten. Niet op meningen. Dit even terzijde.

Het bijzondere aan deze motie is dat er wordt uitgegaan van een niet onderbouwde vooronderstelling. De vooronderstelling dat er geen ‘tegendenkers’ in het OMT zitten. Het aannemen van deze motie zou de leden van het OMT diskwalificeren tot ‘eenheidsdenkers’. Tot weinig kritische personen die allemaal precies hetzelfde over zaken denken. Tot personen die slechts vanuit één perspectief denken. Dat het OMT uiteindelijk met een advies komt, wil niet zeggen dat alle leden van de club de zaak hetzelfde zien, dat er geen andere perspectieven zijn binnen het OMT, dat er niet ‘tegen wordt gedacht’. Bovendien lijkt het me lastig omdat je van tevoren niet weet wie voor- en wie tegendenkt. Je weet immers niet wat je voor je kiezen gaat krijgen en hoe de anderen erover denken.

Als laatste een motie waarin de regering wordt verzocht om: “om de ic-capaciteit te verdubbelen om een lockdown te voorkomen.”  Dit: “overwegende dat de ic-capaciteit het grootste pijnpunt is gebleken de afgelopen twee jaar.” Dit verzoek kon op nog minder steun rekenen dan de vorige drie moties terwijl het zo redelijk lijkt. Bijzonder dat een partij die COVID 19 maar een ‘gewoon griepje’ vindt, pleit voor het verdubbelen van de ic-capaciteit. Zou dat griepje dan toch niet zo ‘gewoon’ zijn? Dit, net zoals de vraag hoe Van Houwelingen de relatie tussen burgererechten en een verdubbeling van de ic-capaciteit ziet, even terzijde.

Terug naar die verdubbeling van de ic. Als de afgelopen twee jaar iets hebben geleerd dan is het dat er grote schaarste is aan voldoende verplegend personeel. De intensive care is het einde van de zorgketen. In geval van COVID 19 kom je er pas terecht als het heel erg met je is gesteld. Dat betekent dat je eerst de rest van de keten door moet voordat je er terecht komt. Nu kan ook een verdubbelde ic zo vol raken dat er andere maatregelen genomen moeten worden. Dus ook met deze maatregel is een lockdown niet uitgesloten. Het overgrote deel van alle mensen die op die verdubbelde ic komen, komen eerst terecht op de reguliere verpleegafdeling. Als er twee keer zoveel mensen met COVID 19 op de ic liggen, dan liggen er ook twee keer zoveel mensen op de reguliere verpleegafdelingen. Dan zijn er ook twee keer zoveel mensen die met de ziekte kampen. Dan zijn er twee keer zoveel onderwijzers, leraren, politieagenten enzovoorts ziek. Maar ook minstens twee keer zoveel zieke zorgmedewerkers. Wellicht kan die verdubbelde ic het dan aan, de rest van de zorgketen in ieder geval niet.

Twee keer zo veel zieken betekent dat er ook meer mensen zullen sterven. Meer mensen die blijvende gezondheidsschade oplopen. Hoe humaan is dit? Mensen die rechten hebben en een van die rechten is dat zij van de overheid mogen verwachten dat die maatregelen treft ter bevordering van de volksgezondheid (artikel 22 van de Grondwet). Het bevorderen van de volksgezondheid betekent onder andere het bestrijden van besmettelijke infectieziekten. Bescherming tegen ziek worden, dus liefst het voorkomen dat ze besmet raken. Daar helpen ic’s niet bij. Daar helpen vaccinaties, afstand houden en soms een lockdown bij.

Een ‘inhumaan en totalitair gelaat’ van de Kamer of halve waarheden en hele leugens?

Leeftijd of loten?

                Volgens ethicus Fleur Jongepier, zo schrijft ze in de Volkskrant, rammelt het draaiboek ‘code zwart’. Dat draaiboek moet het medisch personeel helpen in het geval dat er gekozen moet worden wie er een ic-bed krijgt als alles vol ligt en er meerdere kandidaten zijn voor een bed. In het draaiboek wordt er dan eerst gekeken naar hoe lang iemand een ic-bed bezet houdt. Het bed gaat dan naar de persoon die er naar verwachting het kortst gebruik van maakt. Als er dan nog meerdere ‘kandidaten’ zijn, komt een persoon die onbeschermd in de zorg moest werken aan de beurt. Zijn er dan nog meerdere patiënten, dan wordt er naar leeftijd gekeken. Zo is tenminste het voorstel. Jongepiers bezwaar richt zich tegen de keuze voor leeftijd. Jongepier: “het morele fundament onder het draaiboek rammelt aan alle kanten.” Ze geeft vijf redenen waarom leeftijd geen goed criterium is. Nu ben ik geen ethicus, maar bij haar redenen zijn wat kanttekeningen te plaatsen.

Bron: Wikipedia

                Jongepiers eerste reden: “Het is niet alsof we allemaal een vooropgestelde levensduur hebben die wel of niet bijna ‘op’ is, of die we zouden ‘verdienen’ of waar we ‘recht’ op zouden hebben. Sowieso moet je levens niet met elkaar willen vergelijken of in de weegschaal leggen.” Een bijzonder argument. Inderdaad moet je levens niet met elkaar willen vergelijken of in de weegschaal leggen. Dat willen de opstellers van het draaiboek ook niet. Het draaiboek handelt echter over een situatie als we die luxe niet hebben. Dat wel twee of meer levens met elkaar vergeleken moeten worden. Dat we die luxe niet hebben omdat de middelen om iedereen te helpen er niet zijn. Dat er gekozen moet worden. Dat we niet allemaal een ‘vooropgestelde levensduur hebben’, is een waarheid als een koe. En, zoals Jongepier terecht stelt, de een sterft jong, de andere wordt 110. En als je van tevoren weet dat een persoon van 25 jaar, vijf jaar later sterft en de zeventigjarige uiteindelijk 110 wordt, dan zou je kiezen voor de zeventigjarige. Helaas weten we dat niet en moeten we het doen met statistische gegevens en die geven aan dat iemand van 25 naar verwachting nog meer levensjaren voor zich heeft dan iemand van 70. De enige zekerheid in het leven is dat het met de dood eindigt. En voor een jonger persoon ligt dat punt statistisch gezien verder weg. Dat maakt de keuze voor leeftijd te verdedigen.

                “ Als we het leeftijdscriterium consequent doorvoeren, dan heeft iemand die in januari 1940 is geboren voorrang op iemand die in februari van hetzelfde jaar is geboren. Dat is absurd. …Die keuze is arbitrair, en er wordt geen rechtvaardiging voor gegeven.” Dat in absurdum, de later geborene van een tweeling voor de eerder geborene gaat is inderdaad het gevolg van het hanteren van leeftijd als criterium. En ja, dat is absurd, maar is wel een gevolg daarvan. Leeftijd wordt echter op heel veel terreinen als criterium gebruikt. Zo ga je met 4 jaar naar school, niet met drie terwijl het ene kind er met drie aan toe is en het andere nog niet met vijf. In de sport wordt jeugd ingedeeld in leeftijdsgroepen bijvoorbeeld geboren in een bepaald jaar. Dat is in het algemeen in het voordeel van kinderen die in januari zijn geboren. Zij lopen gemiddeld immers bijna een jaar voor in ontwikkeling ten opzichte van in december geboren kinderen. Gevolg hiervan is dat er veel meer profvoetballers zijn die in de eerste helft, en vooral het eerste kwart van het jaar jarig zijn. Bij De Correspondent een mooi artikel hierover van Michiel de Hoog. Geen ethicus die zich hierover opwindt. Wat vreemder is, is dat Jongepier de opstellers van het handboek verwijt dat er geen rechtvaardiging voor wordt gegeven. Vreemd omdat het handboek juist is bedoeld als alle manieren om onderscheid te maken, zijn uitgeput. Als namelijk alle andere mogelijkheden om een keuze te maken, zijn uitgeput. Als schaarste moet worden verdeeld tussen gelijken.

                Als derde, aldus Jongepier: “het leeftijdscriterium is onliberaal.” Daarbij haalt ze de verdediging die Diederik Gommers gaf voor de keuze van leeftijd dat: “je het iemand ‘gunt om van het leven te mogen genieten.’” Maar: “het is niet aan Gommers, noch aan medisch ethici, en al helemaal niet aan de overheid, om burgers te vertellen wat ze anderen wel en niet moeten gunnen – vooral niet als dat het opofferen van hun eigen leven betreft.” Volgens Jongepier: ‘ondermijnt het draaiboek zoals dat er nu ligt dus de mogelijkheid om zelf beslissingen hierover te maken.” Dat Gommers zich ongelukkig uitdrukt maakt nog niet dat de overheid of medici iemand vragen het leven op te offeren. Het draaiboek is niet bedoeld om mensen te ‘vragen zich op te offeren.’ In die zin heeft Jongepier gelijk: het is onliberaal omdat er voor individuen wordt bepaald. Het is bedoeld om schaarse middelen te verdelen omdat de liberale keuze de schaarste niet kan verdelen. De overgebleven personen zijn niet bereid zichzelf ‘op te offeren’. Het is een oplossing voor het moment dat de vrije keuze het probleem niet oplost.

                Als vierde is: “het draaiboek (…) moreel instabiel.”  Dit omdat: “ het draaiboek eerst het leeftijdscriterium hanteert en vervolgens overspringt op twee andere principes. Wanneer het leeftijdscriterium geen nut heeft (bijvoorbeeld omdat iedereen die op de ic binnenkomt, 80-plus is), dan wordt in zo’n geval gekozen voor ofwel ‘wie het eerst komt, eerst maalt’ ofwel loting.” Een terecht punt van kritiek dat is op te lossen door die ‘overstap’ eruit te halen en alleen leeftijd te hanteren. Jongepier redeneert echter de andere kant op en stelt ‘loting’ voor.

                En daarmee komen we bij de vijfde reden van Jongepier: “ de weerstand tegen loting is onvoldoende gefundeerd.” Volgens Jongepier is loting minder pijnlijk en: “vaak beter te verteren. Te horen krijgen dat je vader, moeder of partner het verkeerde ic-lot had, is gruwelijk maar misschien minder gruwelijk dan te horen krijgen dat ze te oud waren, of dat er net iemand die een jaar jonger was binnengereden werd.” Dat klinkt logisch, maar wat als je te horen krijgt dat je kind van tien moet sterven omdat een tachtigjarige het ‘winnende lot’ had? Is het dan nog steeds zo goed te verteren? Aan wie laten we trouwens de controle op het ‘eerlijke verloop’ van de loting over? Moeten we dan een notaris toevoegen aan een ic om het eerlijke verloop van de loting te garanderen zodat er geen claims komen over gestuurde loting?

                Laten we hopen dat het nooit zover hoeft te komen dat het draaiboek ingezet moet worden. Maar als het dan toch moet, dan liever via leeftijd dan door loting.

Punt maken of paniekzaaien?

“Dit wordt een drama, mensen.” De laatste zin in een artikel bij De Dagelijkse Standaard van Michael van der Galien. Wat een drama wordt? De manier waarop, volgens Van der Galien in de medische wereld om wordt gegaan met corona-patiënten. Heeft Van der Galien een punt of zaait hij paniek?

Bron: https://pt.wikipedia.org

Wat is er aan de hand? In de Volkskrant een artikel waarin wordt vermeld dat driekwart van de mensen die aan corona zijn gestorven nooit op de Intensive Care hebben gelegen. “Dat komt deels doordat verpleeghuisartsen of huisartsen in samenspraak met betreffende patiënt en familie besluiten om de zieke gelet op leeftijd of toestand niet ‘in te sturen’ naar de ic.” Aldus Diederik Gommers de voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care. Gommers: “Als de patiënt heel oud is, een slecht hart heeft en de afgelopen maanden al drie operaties heeft ondergaan, dan kan de arts soms in samenspraak met de familie besluiten dat het niet zinvol is om hem op de intensive care te gaan behandelen.”  

Dat is tegen het zere been van Van der Galien: “Soms? Soms? Je hebt het over driekwart van de sterfgevallen meneer Gommers. Dat is niet soms, dat is telkens weer! Oudere patiënten (met andere klachten) worden nu dus al opgegeven.” Nu worden er iedere dag mensen opgegeven. Dat is treurig voor de betreffende persoon en de naasten, het is echter onvermijdelijk. Sterven is namelijk de enige zekerheid die het leven biedt. Gelukkig zijn het in overgrote meerderheid ouderen die worden opgegeven. 

Omdat ‘corona’ nu hot is en het enige onderwerp waarover nog wordt geschreven en gesproken, komt dit in het nieuws. Het zijn echter niet alleen corona-patiënten. Als diezelfde oudere een gewone longontsteking zou hebben, dan zou er eenzelfde keuze gemaakt kunnen worden. Hetzelfde kan opgaan voor kankerpatiënten of patiënten met een onherstelbare herseninfarct. Als IC-opname niets toevoegt aan de zorg voor een patiënt, sterker nog als die opname een of twee dagen lijden toevoegt, waarom zou je iemand dan op de IC leggen? 

Er worden iedere dag zo’n keuzes gemaakt. Als er één ambulance beschikbaar is en er zijn twee vragen, dan wordt er ook gekozen. Een keuze die nadelig uitvalt voor één van de twee. Als de ene een oude man van 85 is en de ander een baby, dan is de kans groot dat de 85-jarige de dupe is. Het zijn trouwens niet alleen ouderen die dit kan raken. Nu, in een tijd van een gezondheidscrisis met maar beperkte middelen, wordt het maken van keuzes nog belangrijker. Dat er daarbij naar de leeftijd, maar vooral naar de levenskansen en -kwaliteit wordt gekeken, is niet meer dan reëel. Dat is geen drama, dat is verstandig. Van der Galien zaait paniek.