Slechte raadgever

“Het is onacceptabel dat een veroordeelde terrorist spreekt in een Nederlandse moskee. Dat zeggen VVD-Tweede Kamerleden.” De Tweede Kamerleden hebben vragen gesteld, omdat een moskee in Geleen een voor terrorisme veroordeelde spreker heeft uitgenodigd. Op het eerste gezicht denk je: waar is die moskee mee bezig? En goed dat de Kamerleden in actie komen! Dat is ook de teneur uit het krantenartikel in De Limburger.  Toch wringt het.

democratie(foto: ejbron.wordpress.com)

Het wringt, omdat er met twee maten wordt gemeten. Een voor ontvoering, afpersing en vast nog meer misdaden veroordeelde Amsterdamse crimineel wordt op de nationale TV in de schijnwerpers gezet. Een voor terrorisme veroordeelde mag niet spreken in een moskee.

Het wringt, omdat iemand die veroordeeld is en zijn straf heeft uitgezeten in een rechtstaat een nieuwe kans moet krijgen. Door iemand te weigeren, omdat hij is veroordeeld, wordt hem die kans ontnomen. Zo wordt iemand voor altijd een paria met alle gevaren van dien.

Het wringt, omdat politici die zich hard maken voor de vrijheid van meningsuiting en die tegenwoordig vinden dat alles gezegd mag worden, nu iemand willen verbieden om te spreken.

Het wringt, omdat iemand het spreken onmogelijk wordt gemaakt zonder dat bekend is wat hij gaat zeggen. Ja, hij is veroordeeld voor terrorisme, maar wil dat bij voorbaat zeggen dat hij terrorisme gaat verheerlijken? Misschien wil hij wel het tegendeel doen en dan zou het een gemiste kans zijn. Wie kan beter iets vertellen over de waanzin van terrorisme en extremisme dan een op zijn schreden teruggekomen terrorist of extremist.

Je mag van politici verwachten dat ze vertrouwen hebben in onze democratische rechtstaat en dat ook uitstralen. De reactie van deze politici straalt angst uit en angst is een slechte raadgever!

Prikker, donderdag 9 juli 2015

Islamwet

“De fundamenten van de Nederlandse maatschappelijke orde – vrijheid van meningsuiting, gelijke rechten voor allen, non-discriminatie – staan op het spel.zo schrijft Herman Blom in zijn betoog voor een ‘islamwet’.  Blom stelt hierbij de Oostenrijkse ‘islamwet’ ten voorbeeld. Hij beargumenteert dat een dergelijk wet nodig is, omdat de helft van de moslims religieuze wetten belangrijker vindt dan wereldlijke en dit het startpunt is voor intolerantie en terreur. Dus moet er een wet komen waarmee Islamieten worden verplicht zich aan de Nederlandse wet te houden.

Islamwet

(Foto:  www.arbocatalogus-bloemenveilingen.nl)

Dit roept de vraag op of Islamieten zich nu dan niet aan de wet hoeven te houden. Natuurlijk wel. Iedereen in Nederland dient zich aan de wet te houden. Sterker nog. Iedere Nederlander (ook Islamitisch) wordt geacht de wet te kennen. Onze vrijheid van meningsuiting, gelijke rechten en non-discriminatie zijn al bij wet geregeld. Moet er nu een wet komen om deze wet kracht bij te zetten?

Dat gelovigen de regels van hun geloof belangrijker vinden dan de wet, is niets bijzonders. Het is juist vreemd dat het andere deel dat niet vindt. Geloven in iets betekent immers dat je dat als waarheid aanhoudt. En iedereen is vrij zijn eigen waarheid aan te houden en ernaar te leven. Tenminste, zolang dit niet strijdig is met de wet.

Blom wil ‘beïnvloeding’ vanuit Turkije of Saudi-Arabië verhinderen. Daarbij gaat een wet niet helpen. Een gelovige bepaalt namelijk zelf waar hij zijn inspiratie haalt. Dit bij wet regelen betekent juist inmenging in de vrijheid van meningsuiting. Die bestaat ook uit de vrijheid om zelf je inspiratiebronnen uit te kiezen.

Een ‘islamwet’ is daarmee overbodig en een pleidooi ervoor draagt bij aan onnodige polarisatie en ondermijnt onze rechtstaat, omdat het stigmatiseert.

Prikker, donderdag 30 april 2015