De bomen en het bos

Gisteren besprak ik minister Hoekstra’s nieuwe dominotheorie. In dezelfde persconferentie deed ook Hoekstra’s collega minister Van Nieuwenhuizen een duit in het zakje. De KLM: “een van de grootste werkgevers is en onze blauwe trots. Maar dat doen we zeker ook omdat een gezonde KLM een onmisbare schakel is voor ons economisch herstel.” De dominosteen wordt nog wat belangrijker gemaakt door ook voor mij te bepalen dat de KLM ‘onze blauwe trots’ is. Daar gaat het mij nu echter niet om. Het gaat mij om de voorwaarden aan die steun.

Als voorwaarde voor steun aan de KLM noemde Hoekstra, geen dividenduitkering, geen bonussen en geen winstdeling en ook lagere salarissen voor ‘de sterkste schouders’ binnen het bedrijf. Dit zolang het bedrijf overheidssteun nodig heeft.Van Nieuwenhuizen formuleerde twee voorwaarden: het terugbrengen van het aantal nachtvluchten en het terugbrengen van de koolstofdioxide uitstoot.

Maar wacht eens even. Heeft de overheid geen andere middelen dan financiële steun om salarissen en bonussen binnen de perken te houden? Belachelijk hoge salarissen, zoals de 10 miljoen van Frenkie de Jong waarover ik laatst schreef, kunnen ook via de de inkomstenbelasting worden aangepakt. Een manier die ook effectief is als bedrijven geen staatssteun ontvangen. Een manier die trouwens ook werkt om bonussen aan banden te leggen. In plaats van een verbod op dividend en winstuitkering voor één bedrijf, kan Hoekstra beter inzetten op een algemene verhoging van de dividend- en vennootschapsbelasting. De KLM zal dit jaar het komend jaar en waarschijnlijk ook in 2022 toch geen winst maken. Andere bedrijven, die nu profiteren van de situatie daarentegen wel. Bedrijven zoals onder andere bol.com. 

Heeft de overheid geen andere middelen dan financiële steun om het aantal nachtvluchten en de uitstoot van broeikasgas te beperken? Ik geloof meteen dat de KLM ’s nachts van en naar Schiphol vliegt. Het is echter niet de KLM die het recht hierop vergeeft. Jaarlijks zijn er van en naar Schiphol zo’n 20.000 vluchten tussen 23.00 en 6.00 uur en zo’n 12.000 tussen 6.00 en 7.00 uur. De meesten worden gebruikt voor vracht- en vakantievluchten. Als Van Nieuwenhuizen de KLM dwingt om rechten op nachtvluchten in te leveren zonder dat het totaal aantal wordt verlaagd, zullen andere maatschappijen in dat gat springen. Als Van Nieuwenhuizen werkelijk minder nachtvluchten wil, dan heeft zij andere middelen om dit af te dwingen. Dan kan zij de Tweede Kamer voorstellen om de Wet luchtvaart zo aan te passen dat er ’s nachts minder gevlogen kan worden. 

Als laatste de milieumaatregelen en dan vooral het beperken van de uitstoot van koolstofdioxide. Een goed streven waar alleen een verdwaalde ontkenner van de gevolgen van de opwarming van de Aarde en de rol die koolstofdioxide daarin speelt, tegen zal zijn. De luchtvaart valt niet onder het Klimaatakkoord van Parijs en de financiële steun aan de KLM is een mogelijkheid om hier wat aan te doen. Top dus. Nou… .  Door deze voorwaarde aan de financiële steun te hangen, ontstaat bij mij het beeld dat de KLM wordt gesubsidieerd bij het nemen van dergelijke maatregelen. Dat beeld wordt versterkt omdat Van Nieuwenhuizen vergeet erbij te vermelden dat zij een jaar geleden trots de Tweede Kamer informeerde over het klimaatbeleid voor de luchtvaart. Onderdeel van dat beleid is een Ontwerpakkoord  Duurzame luchtvaart. Een akkoord dat zij met de Nederlandse luchtvaartsector heeft afgesloten en een van de partijen die het akkoord mee heeft vastgesteld is de KLM. Een akkoord met als doelstelling een 50% reductie van koolstofdioxide in 2050 ten opzichte van 2005. Niet zo ambitieus als het Klimaatakkoord van Parijs maar toch.

Is dit ‘voorbeeld KLM’ niet een voorbeeld van wat er mis is met politiek en bestuurlijk Nederland? Trouwens niet alleen in Nederland. Er wordt gemanaged op incidenten. Incident oplossen en op naar het volgende incident. Oplossingen die het volgende incident al in zich dragen. Een ‘bankencrisis’ waarbij banken door deregulering ‘too big to fail’ zijn, niet gebruiken om ze kleiner en minder belangrijk te maken. Nee, gewoon op de oude voet verder gaan. Een schuldencrisis (de eurocrisis) bestrijden door schulden aan te gaan. Het ‘vluchtelingen probleem’ oplossen zonder aandacht te besteden aan het ‘probleem van de vluchteling’. Oplossen door een oplossing voor te stellen die al praktijk is: opvang in de regio. Een schrijnend gebrek aan aandacht voor de lange termijn aangevuld met een schrijnend gebrek aan kennis van en vertrouwen in de rol van de overheid en de politiek? Een focus op bomen waardoor het bos niet meer wordt gezien.

‘Grootste Europeaan ooit’

In een interview met de Volkskrant geeft minister Hoekstra aan wat hij wil: “We willen solidair en verstandig zijn.” Daar kan niemand tegen zijn. Hoekstra legt uit wat hij verkeerd vindt aan Eurobonds: “Met eurobonds ga je toe naar een schuldenunie en dat vinden wij niet verstandig. Euro-obligaties, waarbij alle eurolanden garant staan voor elkaars staatsschulden, passen niet bij een unie waarin de lidstaten allemaal over hun eigen begroting gaan. Eurolanden beslissen zelf hoeveel schulden ze maken en waar ze hun geld aan uitgeven. Dat ze die budgettaire vrijheid hebben is terecht, want elke regering in Europa legt verantwoording af aan haar eigen, nationale parlement.” Een bijzondere redenering: een schuldenunie is niet oké, een schuldenland wel? Toch ben ik het voor een belangrijk deel met hem eens dat schulden maken niet oké is. Niet voor de Unie en ook niet voor een land.

“De eurozone verkeert in een fundamenteel andere situatie dan de Verenigde Staten. Europa heeft geen centrale overheid. En wij zijn ook geen voorstander van zo’n centraal Europees gezag.” Met die zinnen vervolgt Hoekstra zijn  betoog tegen de Eurobonds. Heel bijzonder om te horen dat de Unie geen gezag heeft, terwijl de afgelopen jaren zo ongeveer alle ellende vanuit de ‘moloch Brussel’ kwam. Dat even terzijde. Nog niet zo lang geleden, bijna een jaar, pleitte Hoekstra voor de EU als machtsblok dat zich op het gebied van buitenlands politiek en defensie veel meer als eenheid moet opstellen. Een week of twee geleden pleitte hij voor: “een flinke pot geld …om toekomstige pandemieën het hoofd te bieden.” En wie moet die pot creëren? De Europese Unie! Voor iemand die geen ‘voorstander is van ‘centraal Europees gezag’ pleit hij wel vaak voor ‘centraal Europees gezag’. ‘Centraal Europees gezag’ dat er op verschillende terreinen trouwens al is. Het enige waaraan het dat ‘centraal Europese gezag’ mankeert, is slagkracht en democratische controle. En nog iets, namelijk middelen om dat gezag kracht bij te zetten.

Met het schrijven van Prikkers verdien ik, tot mijn verdriet, geen droog brood. Toch doe ik het omdat het mij energie geeft en het houdt mijn gedachten scherp. Om toch ‘droog brood’ en liefst iets meer te kunnen eten, werk ik als beleidsadviseur, veelal voor gemeenten. Daar gaat het mij nu even niet om. Maar dat werk leerde me wel dat Nederlandse gemeenten, dat klinkt misschien vreemd, iets gemeen hebben met de Europese Unie.  Gemeenten kunnen net als de EU niet voorzien in al hun eigen inkomsten.

Het gros van het geld, ongeveer tweederde waarop gemeenten draaien komt van de rijksoverheid. Een deel als algemene uitkering en een kleiner deel als doeluitkering. Het deel algemene uitkering mogen gemeenten vrij aanwenden. Een doeluitkering moet worden besteed aan het doel waarvoor het geld wordt gegeven. De gemeente is daarmee afhankelijk van de Rijksoverheid. Dit maakt haar kwetsbaar en dat blijkt. Sinds de gemeente verantwoordelijk is voor de jeugdzorg en de zorg voor ouderen, kampt een toenemend aantal gemeenten met tekort aan geld. Aan de ene kant hebben ze de plicht om die zorg te bieden. Aan de andere kant hebben ze geen mogelijkheid om die stijgende kosten te dekken via belastinginkomsten. Het eigen belastinggebied, de onroerende zaakbelasting, honden-, pecario- en toeristenbelasting is te gering. Bovendien begrenst de rijksoverheid de mogelijke stijging van de onroerende zaakbelasting, de belangrijkste van de gemeentelijke belastingen. De totale uitgaven van alle gemeenten bedragen zo’n 60 miljard per jaar. Dit is ongeveer 8% van het Nederlandse bruto binnenlands product (bbp).

Voor de Europese Unie geldt eigenlijk hetzelfde. Ruim tweederde is afkomstig uit de afdrachten van de landen. De ‘contributie’ om het zo maar te zeggen. Deze bedraagt zo ongeveer 1% van het bbp. Daarnaast zijn er de ‘traditioneel eigen middelen’, dat zijn invoerrechten. Deze worden, vanwege het steeds maar verlagen van deze rechten, steeds minder. Als laatste dragen landen een deel van de BTW af aan de Unie. De totale begroting van de Europese Unie bedraagt zo’n 160 miljard. Een fors bedrag maar het is net iets meer dan 1% van het Europees bbp. Voor het grootste deel van dat geld, de ‘contributie’ is de Unie afhankelijk van de landen en dat gaat de laatste jaren niet van harte. Het is al snel te veel.

Historische ervaring, zo leert mij Kapitaal en Ideologie van Thomas Piketty, laten zien dat defensie, grensbewaking en buitenlandse politiek gemiddeld anderhalf tot twee procent van het bbp kosten. Als je een ‘machtsblok’ wilt zijn, is er meer nodig laat Piketty zien. Die twee procent waren voor China, India en andere gekoloniseerde staten niet voldoende om ‘het Westen’ buiten de deur te houden. Volgens Piketty was de Westerse dominantie niet zozeer het gevolg van onze wapens en technisch vernuft. Die hebben zeker wel geholpen. Nee, ze was veeleer een gevolg van financieel vernuft. Vernuft dat eruit bestond om, vanaf ongeveer het jaar 1500 meer dan die twee procent ‘belasting’ bij de bevolking op te halen. Dat meerdere werd gestoken in legers. Legers die binnen Europa elkaar bevochten en die in toenemende mate werden gebruikt om de wereld te domineren en zo rijkdom van elders naar Europa te laten stromen. Rijkdom in de vorm van goud en zilver en later in de vorm van grondstoffen voor de productie van goederen. Goederen die vervolgens in de koloniën werden afgezet. Goederen waarvan de productie in de koloniën werd gesaboteerd en verboden.

Een overheid is zo sterk als haar zeggenschap over haar inkomsten. De Europese Unie staat er op dat gebied net zo slecht voor als de Nederlandse gemeenten. Ze moet ‘bedelen’ om geld. Mijn vorige, als bewerking van Dickens’ A Christmas Carol vormgegeven, Prikker sloot ik af met de zin: “Zou Wopke ‘de beste Europeaan ooit’ worden?” Wellicht dat het Hoekstra lukt om ‘beste Europeaan’ te worden, als hij zijn pleidooi voor Europa als machtsblok kracht bijzet. Kracht bijzet door te pleiten voor een sterk democratisch gecontroleerd centraal Europees gezag. Een gezag met duidelijke bevoegdheden, waarvan Hoekstra er in het verleden een paar heeft genoemd, en een stevig eigen belastinggebied. 

Wat zou dan dat eigen belastinggebied moeten zijn? Ook daarvoor biedt Piketty aanknopingspunten: de belasting op bedrijfswinsten, de vennootschapsbelasting. Een terrein waarop Europese landen met elkaar concurreren en waar vooral de grote multinationals van profiteren. Profiteren omdat ze landen tegen elkaar uitspelen en, zoals Shell volgens Trouw, afspraken maken, zogenaamde rulings, met overheden waardoor ze nog minder betalen. Door deze belasting naar Europees niveau te centraliseren, wordt dit een stuk lastiger en vervalt in ieder geval de concurrentie tussen de landen van de Unie.

Van de revenuen van deze belasting moet de Europese Unie vervolgens alle taken vervullen die haar zijn toebedeeld, defensie, buitenlandse politiek, grensbewaking, versterken van de economische structuur en ook optreden in geval van crisis. De contributie kan dan vervallen, net als de uitgaven van de landen op de terreinen waar de Unie verantwoordelijk voor wordt. Als dat defensie is, dan vervallen de Nederlandse defensie-uitgaven. Net zoals de Nederlandse douane dan een onderdeel wordt van de Europese. Als het Hoekstra lukt om dit te bereiken dan komt hij in aanmerking voor de titel ‘beste Europeaan ooit’.

‘Pak ze waar het pijn doet’

“Formaties duren voort totdat VNO-NCW en hun grote leden tevreden zijn.” Dit schrijft Syp Wynia in Elsevier in een artikel waarin hij de dominante invloed van de grote bedrijven op het kabinetsbeleid bekritiseert. “zo daalde de vennootschapsbelasting in Nederland deze eeuw van 35 procent naar 25 procent en gaat het derde kabinet-Rutte daar weer 4 procent vanaf halen. Daarbovenop wordt de dividendbelasting afgeschaft, uitsluitend om de multinationals en hun buitenlandse aandeelhouders te plezieren.” De slachtoffers? “Het midden- en kleinbedrijf verpietert onder de lobby- en chantagekracht van VNO-NCW,” en: “de welvaart van een land als Nederland.” De leidende politici winnen omdat ze: “als (ze) uitgeregeerd zijn, (…) plaats(nemen) in de lobbymachine van de multinationals. Zo zijn de Nederlandse manieren.” 

johan-falk-tyst-diplomati.36448

Illustratie: Subscene

Dat dit niet alleen de Nederlandse manier is, lieten Joseph Stiglitz in The Price of Inequality en Joseph Vogl in Het Financiële regime al zien. Vogl voegde er voor de financiële sector al een historische component aan toe door terug te gaan naar de tijden van de Republiek. Een historische component die in De onzichtbare hand van Bas van Bavel centraal staat. Een boek dat ik kort geleden behandelde. Het afschaffen van de dividendbelasting is hiervan een mooi voorbeeld. Geen onderwerp van welk verkiezingsprogramma dan ook en wel een van de eerste maatregelen die een nieuw kabinet neemt. Als kiezer en burger sta je machteloos. Je enige kans ligt bij de volgende verkiezingen alleen duurt het nog een jaar of vier voordat het zover is en wie denkt er dan nog aan?

Nu keek ik gisteren een aflevering van de Zweedse politieserie Johan Falk. Een serie waar iedere aflevering ongeveer de lengte heeft van een speelfilm. In deze aflevering was de stiefdochter van politieman Johan Falk gegijzeld door Estse criminelen die haar biologische vader afpersten. Als kijker weet je dan dat ze dat beter niet hadden kunnen doen. ‘We moeten ze pakken waar het pijn doet’, sprak de leider van de politie-eenheid van Falk. Dat bleken drugs te zijn, zo bleek uit informatie van een Zweedse crimineel die inmiddels als informant voor de politie werkte. Hij wist te vertellen dat de Esten het grote geld verdienden met drugs en dat er een grote zending onderweg was per veerboot.

Hoe het afliep, vertel ik niet. Waar het mij om gaat is de uitspraak: ‘We moeten ze pakken waar het pijn doet.’ Zou dat niet ook voor die multinationals gelden? Als kiezer en burger is onze macht beperkt, maar hoe zit het met onze macht als consument? Hoe zouden die multinationals reageren als we hun producten inruilen voor die van een ander? Voor producten van kleine lokale bedrijven?

Gelijke behandeling

Geachte informateur van het volgende kabinet,

misschien ben ik een beetje vroeg, er is immers net een nieuw regeerakkoord en Mark Rutte is aan de slag als formateur. Bovendien weet ik nog niet wie u bent, u bent immers nog niet benoemd. Sterker nog er zijn nog geen Kamerverkiezingen in aantocht.

belastingenFoto: Flickr

Toch wil ik even van de gelegenheid gebruikmaken om iets bij u onder de aandacht te brengen en er zijn twee goede redenen om dat nu te doen. U heeft vast de titel van het regeerakkoord gelezen en uit die titel spreekt weinig zelfvertrouwen. Dus voor je het weet, is het nog niet geformeerde kabinet al weer gevallen en zijn er nieuwe verkiezingen. Dan zit mijn brief mooi als eerste in uw dossier. Mocht het kabinet, ondanks dat gebrek aan vertrouwen, toch de hele rit uitzitten, dan voorkom ik zo dat ik vergeet u een brief te sturen. Ik heb hem dan immers al gestuurd én, net als in het eerste geval, zit mijn brief als eerste in uw dossier.

Zo nu terzake, wat is er zo dringend dat ik onder uw aandacht wil brengen, zodat u het met de partijen in de formatie kunt delen? Voor mij als inwoner van dit land is het gewenst om te komen tot substantiële verlaging van mijn inkomstenbelasting en uiteindelijk de volledige afschaffing ervan. Ik ga u niet vervelen met dertien pagina’s tekst zoals de lobby van MKB en LTO Nederland bij de net afgelopen informatie heeft gedaan. Ik hou het bij een kort briefje van nog geen a-viertje.

Het is niet dat ik niet mee wil betalen aan al die mooie collectieve voorzieningen. Integendeel, ik betaal daar graag aan mee omdat ik er profijt van heb. Ik kan over de wegen rijden, de sociale voorzieningen voorkomen dat de straat vol ligt met zwervers en bedelaars, al worden dat er de laatste tijd weer meer. Het vuilnis wordt opgehaald en zo zou ik nog wel even door kunnen gaan.

Nu zult u zich afvragen waarom stuurt die Ballonnendoorprikker mij een brief waarin hij mij vraagt om afschaffing van zijn belastingbetaling als hij geen bezwaar heeft tegen het betalen van belastingen? Dat zal ik u kort uitleggen. Ik ben voor het betalen van belastingen naar draagkracht, zowel door inwoners als door bedrijven en met name deze laatsten is het via uw voorganger Zalm gelukt om zich aan hun maatschappelijke verantwoordelijkheid te onttrekken. In een brief van dertien pagina’s waar ik al over sprak, schreven zij, zo las ik bij Joop: “ voor ondernemers is gewenst te komen tot substantiële verlaging van het vennootschapsbelasting-tarief en (uiteindelijk afschaffing van) dividendbelasting … .” Omdat zij van het kabinet dat nu wordt geformeerd hun zin hebben gekregen, vraag ik u om mijn gelijke behandeling te bepleiten en  dit in het regeerakkoord vast te leggen.

Ik laat het aan u om deze gelijke behandeling in te vullen. Als u een andere manier vindt om die gelijkheid vorm te geven, ben ik ook tevreden.

Met vriendelijke groet, de Ballonnendoorprikker