Vier het leven

Deze zomer ben ik begonnen met het lezen van de filosofische trilogie Sferen van de filosoof Peter Sloterdijk. Ik ben goed op weg in het eerste deel Bellen. Aan een bijzondere passage in dit boek moest ik denken toen ik gisteren de Vier het leven bijeenkomst van vriendin Anja bijwoonde. Anja is getroffen door de ziekte kanker en nam met deze bijeenkomst afscheid van haar familie en vrienden. Een bijzondere herdenkingsbijeenkomst van het leven van Anja en haar partner Harry waar mooie woorden werden gesproken.

Sloterdijk haalt in zijn boek Nietsche aan, die in Die fröhliche Wissenschaft leven en dood op een bijzondere manier met elkaar verbindt: “Laten we ervoor oppassen te beweren dat de dood de tegenpool van het leven is. Het levende is slechts een bestaansvorm van het dode, een heel zeldzame wel te verstaan.” De mooie woorden en muziek die voor Anja werden gesproken, gespeeld en gezongen, maakten dat ik begon te malen over deze passage. Nu staat Nietsche niet bekend als de meest vrolijke mens die ooit op de aardbol heeft rondgelopen. Zo ongeveer de tegenpool van Anja en Harry. Wel als een van de weinigen die redeneringen tot in het uiterste doorvoerde. Vanuit die weinig vrolijke kijk kan ik begrijpen dat hij tot de conclusie kwam dat het leven, om mijn eigen woorden te gebruiken, slechts een bijzondere rimpeling van het dode is. Een die aansluit bij de uitspraak dat wij uit stof zijn gemaakt en tot stof zullen wederkeren.

Stel dat Nietsche vrolijk van aard was, zou hij dan tot een andere conclusie zijn gekomen? Want als wij weer wederkeren tot het stof waaruit wij zijn gemaakt, dan kan dat stof toch ook weer de basis zijn voor nieuw leven? Een Cradle to Cradle gedachte, de cirkel van het leven. Het doel van het stof, als je van een doel kunt spreken, is dan het leven. Dan zou je vanuit het stof geredeneerd kunnen zeggen: voor leven ben je gemaakt en tot leven zul je wederkeren. Wordt dan de dood niet een bijzondere rimpeling van het leven? Zou de ‘vrolijke’ Nietsche dan niet kunnen concluderen dat ‘het dode slechts een bestaansvorm van het levende is, een heel zeldzame wel te verstaan’?

Anja we zullen het leven blijven vieren, samen met je lieve Harry. We zullen je naam blijven noemen!

Schermafbeelding 2016-09-01 om 11.06.15

Gemeente Venlo, doel en middel

Via Linkedin bereikte mij het bericht dat de gemeente Venlo een nieuwe Visie op Public Resources Management heeft. De visie is verpakt in een filmpje en moet duidelijk maken dat de mens centraal staat, de gemeente de slag wil maken van ‘duizend medewerkers’ naar ‘honderdduizend meewerkers’ en legt een relatie met Cradle to Cradle (C2C). De gemeente wil ook goed contact met haar oud-medewerkers behouden, ze willen er geen afscheid van nemen. “Wat een verspilling van waardevolle grondstoffen. Daar is jaren in geïnvesteerd,” aldus de voice-over. Hieronder de visie.

“De mens als grondstof?” Dat was de vraag die ik via de Facebookpagina stelde. En binnen een dag had ik antwoord. Dat is snel, zo snel reageert een gemiddelde overheid niet. Mijn complimenten.”Dat klinkt wellicht vreemd Ballonnendoorpikker als je hem er zo uit haalt, maar in de context van de visie draait het uiteindelijk allemaal om de mens. Deze is de grondstof van relaties, van communicatie, van organisatie etc. Daarnaast gebruiken we bewust bepaalde termen die de relatie leggen naar C2C.” Een antwoord dat verdere vragen oproept.

Mensen communiceren, ze gaan relaties aan en ze vormen organisaties. Maakt dat de mens tot grondstof van relaties, communicatie en organisaties? Van Dale omschrijft grondstof immers als “onbewerkt, ruw materiaal.” Dan krijgt de mens pas zijn waarde in de communicatie, relatie of organisatie. Houdt dat dan in dat een mens zonder communicatie, relatie of organisatie geen waarde heeft?

De gemeente Venlo lijkt de organisatie (of organisaties in het algemeen) centraal te stellen. De wereld draait om organisaties. Zouden er organisaties zijn als de mens geen doelen had? Of is juist het tegenovergestelde het geval, dat de communicatie, relaties en organisaties grondstoffen zijn? Grondstoffen of middelen zijn, die de mens gebruikt om zijn doelen na te streven? En kan een organisatie als de gemeente Venlo niet een periode voor iemand bijdragen aan zijn doel? En goed afscheidnemen, kan betekenen dat persoon en organisatie ook in de verdere toekomst nog iets voor elkaar kunnen betekenen.

Natuurlijk heeft een organisatie, ook de gemeente Venlo, doelen. Maar zijn organisatiedoelen niet afgeleide doelen? Afgeleide doelen van zaken die mensen willen bereiken? En is C2C zo niet ook een afgeleid doel? Het maken van producten van volledig herbruikbare grondstoffen om, en nu komt het hoofddoel, de planeet leefbaar te houden voor de mens?

Verwisselt de gemeente Venlo niet doel en middel?