Modellen en de werkelijkheid

“Uiteindelijk is de enige oplossing dat Griekenland bereid is vergaande hervormingen door te voeren en moeilijke maatregelen te nemen.” Een zin uitgesproken door onze minister-president Mark Rutte.  Diverse Europese leiders deden al soortgelijke uitspraken. Een zin die precies aantoont wat er mis is in de Europese politiek.

MArk Rutte(foto: www.visionair.nl)

In de politiek gaat het over de maatschappij. Je hebt er een studie voor, genaamd politicologie en dat is een sociale wetenschap net als economie. Sociale wetenschappen zijn geen exacte wetenschappen, hoeveel wiskunde (zie economie) ze ook gebruiken om iets helder te maken.  Sociale wetenschappen gaan over mensen in hun omgeving en dat is complex. Om met die complexheid om te gaan worden modellen gebruikt.  Een model is een schematische weergave van de werkelijkheid. Een weergave die uitgaat van veronderstellingen. Een tegenwoordig veel gebruikte veronderstelling is dat markten vrij moeten zijn van overheidsingrijpen. Dat zou maatschappelijk gezien het meeste rendement opleveren.

Het gebruik van modellen in de sociale wetenschappen kent twee problemen. Als eerste beïnvloeden ze onze kijk op de werkelijkheid. We kijken met de bril van het model en zien alles volgens dat model. We zien niet de werkelijkheid, maar het door het model opgelegd beeld van die werkelijkheid. Pas als de signalen die niet in het model passen zo overvloedig zijn, dan pas stellen we het model ter discussie.

Het tweede probleem is dat modellen de werkelijkheid kunnen beïnvloeden. Als we een model hanteren dat de mens als een homo-economicus ziet, dan zal een groot deel van de mensen zich na verloop van tijd ook als zodanig gaan gedragen.

Ziet premier Rutte de werkelijkheid of zijn model?  Dat hij maar één oplossing ziet, baart zorgen. Dat wijst op modeldenken en dat zou jammer zijn want daarmee gaat een wereld verloren. Ook een wereld aan oplossingen.

Prikker, woensdag 8 juli 2015

Kosten medicijnen

“We moeten het probleem van schaarste in financiële middelen voor de zorg weghalen bij individuele artsen en ziekenhuizen. Dit is de kern van de oplossing die drie gezondheidseconomen van de Erasmus Universiteit voorstellen om de medicijnkosten structureel te beheersen. Zo moeten op politiek niveau grenzen worden gesteld aan welke prijs voor welke behandeling nog acceptabel is. De economen willen de zorgkosten beheersen door de vraag naar zorg te beheersen en te reguleren. Dit is een mogelijkheid. Gevolg hiervan blijft echter nog steeds dat specifieke behandelingen te duur gevonden zullen worden. Hiervan zijn patiënten de dupe.  Zijn er ook andere mogelijkheden?

kosten medicijnen

(foto: www.z24.nl)

Ja, die zijn er. Een mogelijkheid die al wordt toegepast is scherper onderhandelen met de producenten. Er zijn nog andere mogelijkheden om naar dit probleem te kijken. Volgens de producenten moeten de medicijnen zo duur zijn om de gigantische ontwikkelkosten eruit te halen. Dit speelt vooral bij een middel waar maar een paar patiënten gebruik van maken. Nu dragen overheden ook al voor een belangrijk, zo niet het belangrijkste, deel bij aan deze onderzoekskosten. De overheid krijgt hier nu bijna niets voor terug. Sterker, ze moet flink betalen voor de ontwikkelde medicijnen. Geld dat vooral bijdraagt aan de winst van de producenten. Wat als we de productontwikkeling scheiden van de productie?

Wat bedoel ik hiermee? De overheid neemt de ontwikkelkosten helemaal voor haar rekening en krijgt daarmee ook de patenten. Is een medicijn rijp voor gebruik, dan wordt de productie ervan aanbesteed. De overheid verkoopt het medicijn vervolgens tegen de productiekosten met een kleine opslag ter vergoeding van de onderzoekskosten. Die opslag wordt vervolgens weer in onderzoek gestopt.

Zou dat geen alternatief kunnen zijn, waarmee de medicijnkosten beheerst kunnen worden?

Prikker, dinsdag  23 juni 2015

Overheid als gezin

Door flink te bezuinigen en door de lasten te verhogen, probeerde de Nederlandse regering vanaf het begin van dit decennium het begrotingstekort te bestrijden. Hierbij maakten de regerende partijen vaak de vergelijking met een gezin. Een gezin kan niet onbeperkt meer uitgeven dan er binnenkomt, het moet de uitgaven aanpassen op de nieuwe inkomsten. Dat zou een overheid ook moeten doen.

gezin

(illustratie: www.janjans.nl.nu)

We zijn een paar jaar verder. Nu luidt de voorspelling (hoe betrouwbaar is die?) dat de Nederlandse economie iets meer groeit dan verwacht. Op basis van die voorspelling stijgen de overheidsinkomsten structureel met € 5 miljard. De regeringspartijen hebben deze week aangegeven hoe ze dit ‘voorspelde’ geld gaan uitgeven: verlaging van de belastingen.

Terug naar de analogie met het gezin. De ‘voorspelde’ extra belastinginkomsten zorgen er nog steeds niet voor, dat de overheidsfinanciën in evenwicht zijn. Er blijft een tekort. Een gezin zou dus nog verder moeten besparen op uitgaven of op zoek gaan naar extra inkomsten. De regering, het hoofd van het ‘gezin Nederland’, wijkt af van deze eerder gekozen lijn en geeft ‘voorspeld’ geld uit terwijl de ‘gezinsbeurs’ nog steeds een gat vertoont. Als een staat nu geen gezin meer is, was ze het dan eerder ook niet? En waren er toen ook andere keuzes mogelijk?

De antwoorden op deze vragen zijn nee, een staat is geen gezin en ja, er waren ander keuzes mogelijk. Inhoudelijke standvastigheid en consequent beargumenteren lijken ver te zoeken.

Zou die consequentheid en standvastigheid niet op een ander, veel banaler niveau liggen? ‘Regeren is vooruitzien’ zo luidt het spreekwoord, maar hoever vooruit? Tot de volgende verkiezingen? Wordt daaraan alles ondergeschikt gemaakt?

Prikker, zondag 21 juni 2015

Werken en leven of leven en werken?

“Minder cv-pimpcursussen, meer Deltawerken,” met die woorden sluit Jesse Frederik zijn artikel op De Correspondent af. In dit artikel pleit hij ervoor om het oude Keynesiaanse conjunctuurbeleid weer van stal te halen. Beleid waarbij de overheid in tijden van crisis investeert om werkgelegenheid te behouden en minder in te zetten op het nu in de mode zijnde ‘employability’.

werken en leven

(Foto: hetbeterewerken.nl)

Werk, en dan vooral betaald werk, is de afgelopen decennia heilig verklaard. Werk is, of beter gezegd wordt gezien, als de hoogste vorm van maatschappelijke participatie (Participatiewet) en de beste manier om in te burgeren. Zonder werk neem je niet deel aan de samenleving. Werk zorgt voor structuur in het leven van mensen. En zo kan ik doorgaan met het benoemen van eigenschappen die we verbinden aan het hebben van werk. We stemmen het onderwijs erop af, kinderen voorbereiden op hun plek op de arbeidsmarkt, dus op werk. Volwassenen moeten een leven lang leren om hun employability te vergroten.

Door al deze zaken exclusief te verbinden aan betaald werk, lijkt werk onmisbaar te worden voor het goede leven van een mens. Inderdaad werk zorgt voor structuur, kan sociale contacten opleveren, kan je eigenwaarde een boost geven, kan bijdragen aan het veroveren van je plek in de samenleving. Dat kan allemaal. Participeren, inburgeren, deelnemen aan de samenleving, structuur hebben in je leven, het kan allemaal ook zonder werk.

Leven we om te werken, zoals het nu wordt uitgelegd, of werken we om te leven?

In een tijd waar volledige werkgelegenheid, door steeds verdergaande automatisering in toenemende mate buiten bereik raakt en groepen mensen al bijvoorbaat kansloos zijn op de arbeidsmarkt, is deze vraag een maatschappelijke discussie waard.

Prikker, woensdag 27 mei 2015

Gehoorschade en Verantwoordelijkheid

De gemeente Venlo is een actie begonnen om jongeren te wijzen op het risico op gehoorschade. In de stad hangen posters van deze actie en er is een speciale website (neettuuutdouf.nl)  waar mensen worden geïnformeerd over dit risico en waar ook te lezen is hoe deze schade kan worden voorkomen. Deze posters en de achterliggende actie roepen wat vragen op. Spreekt de gemeente wel de juiste mensen aan?

oordopjes

(foto: eventplanner.be)

Ik begrijp dat gehoorschade opgelopen bij de vele feesten met zeer hard staande muziek een probleem is. Je hebt er immers de rest van je leven last van. Nu willen we dat iedereen zijn gehoor beschermt tegen die luide muziek. Stel dit is een succes en iedereen doet het. Dan betekent het dat bij deze feesten iedereen naar de harde muziek staat te luisteren, maar deze minder hard hoort door de bescherming. Waarom zetten we de muziek dan niet zachter, zodat het effect hetzelfde is?

Met deze actie wordt iedereen op zijn eigen verantwoordelijkheid aangesproken en dat past in het huidige tijdsbeeld, waarin de nadruk ligt op eigen verantwoordelijkheid. De belangrijkste persoon die moet worden aangesproken is echter de organisator van het feest of evenement. Die is ervoor verantwoordelijk en dat is zijn ‘eigen verantwoordelijkheid’, dat zijn evenement veilig voor de bezoekers en de omgeving verloopt. Bij het zorgen voor die veiligheid horen ook de oren van de bezoekers.

Als organisatoren die verantwoordelijkheid niet zelf willen nemen, dan kan de overheid vanuit haar verantwoordelijkheid voor de openbare orde en veiligheid optreden. Zij kan dit doen door bij de vergunningverlening voor een feest, maar ook voor bijvoorbeeld een ouderwetse disco, eisen te stellen en een maximaal aantal decibel op te leggen.

Prikker, zondag 24 mei 2015

Opvang in de regio

Het VVD-kamerlid Azmani verdedigt in De Volkskrant van 24 maart 2015 het VVD plan om de grenzen van de EU te sluiten voor vluchtelingen van buiten Europa. Deze moeten maar ‘in de regio’ worden opgevangen.

Azmani

 (foto: vvd.nl)

Hij gebruikt hierbij een zeer bijzondere redenering. Hij zegt: “Als er een grote hausse aan migranten komt, wat doet dat met een samenleving?” en iets verder: “Er is nog geen ontwrichting maar ik zie wel spanning.” Even niet vallend over het verschil tussen vluchtelingen en migranten, maar kijken naar de feiten. De cijfers bij het interview laten zien dat van alle vluchtelingen in 2015 slechts 1/3 (16,5 miljoen) naar het buitenland gaan en daarvan kwamen er 626.000 naar de EU. Zelf geeft Azmani aan dat Turkije alleen al 1,7 miljoen Syrische vluchtelingen opvangt. Turkije heeft 75 miljoen inwoners, de EU heeft er 507 miljoen. In de EU leveren 626.000 vluchtelingen, 1 vluchteling per 1.000 inwoners, spanningen op. Hoe zou dat dan in Turkije zijn met bijna 23 vluchteling per 1.000 inwoners?  Azmani verwacht van alle landen eenzelfde inzet als Turkije. Van alle landen behalve de Europese want daar levert het spanning op.

Dat brengt mij bij de vraag wie bepaalt welk land bij welke regio hoort? Waar begint of eindigt een regio? Wat als Turkije inbrengt niet tot eenzelfde regio als Syrië te behoren? Behoren buurlanden altijd tot eenzelfde regio? Tot welke regio behoort Nederland? Met onze eilandjes in het Caribisch gebied horen we ook tot de regio aldaar. Dus iedereen op de vlucht uit Venezuela is welkom? En via Frans Guyana is half Zuid-Amerika welkom. Opvang in de regio is een opportunistisch argument met als doel om in ieder geval nooit bij de regio te horen als het om vluchtelingen gaat.

Wat nog het meeste opvalt is dat een partij die de vrijheid van het individu hoog in het vaandel zegt te hebben staan, het vluchtende individu het recht ontzegt om zelf te kiezen. Een rechtgeaarde liberaal zou de keuze juist bij het individu laten. Blijkbaar zijn de liberale principes niet op vluchtelingen van toepassing.

Prikker, woensdag 25 maart 2015

Ingehaald door de geschiedenis

“Na de opstand van de Griekse kiezers die vorige week Syriza aan de macht hielpen, was het dit weekend de beurt aan Podemos,” aldus het Commentaar in De Volkskrant van dinsdag 3 februari 2015.  Een korte zin, waarmee Hans Wansink het commentaar opent. Kort, maar wel een bijzonder zin.

Griekse crisie

(Foto: wonenwerkengriekenland.com)

Bijzonder, omdat er in Griekenland gewoon verkiezingen zijn gehouden op een manier zoals ze dat daar altijd doen. En verkiezingen vormen het enige moment in de democratie dat het volk, tenminste het deel dat mag en gaat stemmen, zich uitspreekt. De rest van de tijd is het volk vertegenwoordigd door het parlement en afwezig. Het volk doet dat als kiezer en heeft gewoon gekozen. Vanwaar dan opstand?

Het woord opstand suggereert een volgend soort redenering: ‘Wij (maar wie die wij zijn is niet duidelijk) hebben voor jullie arme Grieken bepaald wat goed voor jullie is. Kom ons nu maar bedanken voor wat wij voor jullie hebben bedacht door allemaal het kruisje op de juiste plaats te zetten.’ In het kort: wij zijn de baas en jullie ons stemvee. Een nogal paternalistische manier van denken. Wellicht is het wel dit paternalisme dat de Griekse kiezer heeft doen besluiten om anders te kiezen. En dat is het goed recht van de Grieken. Een opstand is het echter niet. Dat zou het zijn als Syriza een staatsgreep had gepleegd.

Dat de kiezer de traditionele partijen vaarwel zegt, zal er zeker mee te maken hebben dat zij allemaal dezelfde oplossing bieden. De door Wansink genoemde bezuinigingspolitiek, geformuleerd vanuit eenzelfde neoliberale denken dat de problemen heeft veroorzaakt.

Zou het zijn dat het probleem niet wordt gevormd door de kiezers, maar de traditionele partijen zonder alternatieve ideologie, ideeën en oplossingen. Partijen die Thatcher parafraseren als ze zeggen dat er geen andere oplossing is dan bezuinigen. Dat deze partijen zijn ingehaald door de kiezer en door de geschiedenis en dus overbodig zijn?

Prikker, dinsdag 3 februari 2015

Waartoe zijn wij op aarde?

“Volgens een onderzoeksrapport van het CPB dat zaterdag verscheen, kost zittenblijven de schatkist jaarlijks 500 miljoen euro aan directe kosten. Dit komt naast de geschatte 900 miljoen aan indirecte kosten door het later betreden van de arbeidsmarkt.” Dit valt te lezen in de Volkskrant en is afkomstig uit een onderzoeksrapport van het CPB. In dit artikel geeft de leraar van het jaar 2014, Jasper Rijpma, zijn visie op hoe het beter kan.

zitten blijven

(illustratie: Joris Snaet)

Het gaat mij hier niet over de ideeën van Rijpma. Het gaat mij om wat we hier zeggen. En met zeggen bedoel ik niet de letterlijke boodschap over de miljoenen, maar het wereldbeeld achter een dergelijke formulering. Wat hier wordt gezegd komt erop neer dat de economie het allerbelangrijkste en dat de mens een productiemiddel is. In de ogen van neoliberalen in deze wereld zal dit heel normaal zijn. Voor hen is de markt heilig en moet alles hieraan ondergeschikt worden gemaakt. In hun wereld moet onderwijs jeugdigen voorbereiden op hun  plek op de arbeidsmarkt, klaarstomen tot productiemiddel.

Laat ik altijd gedacht hebben dat we onze kinderen naar school laten gaan om hen kennis van de samenleving bij te brengen en vaardigheden die zij nodig hebben om deel te kunnen nemen aan deze samenleving. Laat ik altijd gedacht hebben dat de samenleving uit meer bestond dan alleen de economie. Laat ik altijd gedacht hebben dat het onderwijs onze kinderen moest ondersteunen bij het ontdekken en ontplooien van hun talenten. Laat ik altijd gedacht hebben dat onderwijs, net als kunst, een eigen intrinsieke waarde heeft.

Helaas, ik blijk ernaast te zitten. Om de catechismus te parafraseren: Waartoe zijn wij op aarde? Om de economie te laten groeien en daarvoor als grondstof te dienen. Tijd voor een nieuwe ‘ontkerkelijking’!

Prikker, woensdag 21 januari 2015