K(any)en (West) uw geschiedenis

RTLZ columnist Roderick Veelo beklaagt zich over zwakke ruggen van mensen aan de top van de samenleving. Een van de topmensen die een standje krijgt, is Kasper Rørsted de topman van Adidas omdat hij het sponsorcontract met Kanye West verbrak vanwege diens uitlatingen over slavernij. Die zwakke rug laat ik even links liggen, het gaat mij om de uitspraak van West: “Als je hoort dat de slavernij 400 jaar duurde, 400 jaar! Dat klinkt als een keuze.” Een om twee redenen bizarre uitspraak.

Boulanger_Gustave_Clarence_Rudolphe_The_Slave_Market

Illustratie: Der Sklavenmarkt – Wikipedia

Natuurlijk is slavernij geen vrijwillige keuze, de eerste reden waarom deze uitspraak bizar is. West deed deze uitspraak, zo lees ik in het AD, in een interview en de interviewer Van Lathan reageerde als volgt op deze opmerking: “Jij leidt misschien het luxeleven van een zanger, maar wij, de rest van de samenleving, worden nog steeds gemarginaliseerd door de gevolgen van 400 jaar slavernij.” Een, om de tweede reden, eveneens een bizarre uitspraak. Bizar omdat het denken en het historisch besef van beiden erg beperkt lijkt, zowel in tijd als in schaal. 

Zowel West als Lathan doelen op de slavernij van Afrikanen die naar Amerika werden vervoerd om daar te werk te worden gesteld op vooral plantages, de Atlantische slavenroute. Die slavernij besloeg een periode van bijna vierhonderd jaar, grofweg van 1500 tot de afschaffing van de slavernij in het derde kwart van de negentiende eeuw. Bizar is dat beide heren, en in het kielzog daarvan de vele reageerders op de uitspraken, niet op het idee lijken te komen dat slavernij een veel langere geschiedenis kent en dat het niet alleen Afrikanen waren die slaaf waren of het risico liepen het te worden. 

Iedereen met een beetje kennis van de geschiedenis weet dat slavernij niet beperkt was in kleur en tijd. Heel veel van onze Europese voorouders leidden een leven als horige (mensen die aan de grond waren gebonden) of nog erger lijfeigene. Het Romeinse rijk, net als alle andere oude rijken, steunde op slavernij. Slavernij die in aantallen de Atlantische route vaak overtroffen. 

Iedereen met een beetje kennis van het heden weet dat met de afschaffing van de slavernij, de slavernij niet tot het verleden behoort. Ook nu leven er nog vele mensen in slavernij of in een moderne vorm van ‘horigheid’. 

De domheid van de uitspraak van West is stuitend. Hoe zit het met de kennis van de geschiedenis van West en zijn vele criticasters? Is het gebrek daaraan niet nog veel stuitender? Want zou zo’n uitspraak niet voort kunnen komen uit een gebrek aan kennis?

Slavernij-museum

“De realisatie van een slavernijmuseum kan alleen door de ervaringen en perspectieven van zwarte mensen nu echt voor het eerst dominant te maken.”

Een van de laatste zinnen uit een artikel van Aicha Hamdi bij Trouw. Volgens Hamdi wordt het tijd dat er ook in Nederland een slavernij-museum komt, een pleidooi dat ik alleen maar kan onderschrijven. De rol die slavernij heeft gespeeld in de wereld is een eigen museum waard.

Romeinse slaven

Foto: Wikimedia Commons 

Toch maak ik me wat zorgen over het slavernij-museum. Zorgen om de geciteerde zin uit het artikel van Hamdi. Zorgen ook om zinnen als: “Want ook vandaag de dag zijn de effecten van kolonialisme en slavernij merkbaar. Denk maar aan raciale ongelijkheid, racisme en stereotiepe, schadelijke beelden die er bestaan over de ander.” En: “Als er in het dominante discours wordt gesproken over de vaderlandse geschiedenis en de Gouden Eeuw wordt niet de gepaste aandacht besteed aan de duistere zijde van die tijd. Dat dit tijdperk voorheen als positief werd ervaren is evident, maar in een multiculturele samenleving, in 2017, is dit onacceptabel.”

Ja, een slavenij-museum moet aandacht besteden aan de transatlantische slavenhandel. Aan de rol van alle handelaren, welke ‘kleur’ ze ook hadden, dus ook de donker gekleurde en Arabische slavenhandelaren. Aan de rol van de plantage eigenaren en vooral ook aan het leed dat de slaven werd aangedaan. Aan het dagelijkse leven van slaven. Aan het proces dat leidde tot de afschaffing van de slavernij en wie daarin welke rol speelde.

Slavernij kent echter een veel langere en bredere historie en die mag in een goed slavernij-museum niet ontbreken. Neem de slavernij bij de oude Egyptenaren, de Grieken en het Romeinse rijk. De rol die slavenij (horigheid en lijfeigenschap) speelde in de middeleeuwen. De rol die slavernij speelde bij de Inca’s, de Maya’s, in het Chinese rijk, in de Indiase geschiedenis en zeker ook in Afrika. En, zeker zo belangrijk, de rol die slavernij speelt in onze huidige samenleving. Er wordt immers nog steeds in mensen gehandeld en mensen (en kinderen) worden nog steeds onder erbarmelijke omstandigheden tewerkgesteld.

Ik maak me zorgen omdat ik dit pleidooi voor perspectief mis bij de meest fervente pleitbezorgers van een slavernij-museum. De drie genoemde passages uit Hamdi’s artikel wakkeren mijn vrees aan. Ik vrees omdat ik denk dat vele ‘activisten pas tevreden zullen zijn als er een museum staat waarin hun echte en vermeende ‘dominante ervaringen en perspectieven van zwarte mensen’ van nu, centraal zullen staan. Een geschiedenis die volledig in dienst staat van de huidige opvattingen van de activisten. Opvattingen die een lineair en causaal verband leggen tussen de huidige achterstand op de arbeidsmarkt en de eerste tocht van Columbus. Die de geschiedenis van de Gouden Eeuw volledig herschrijven tot een variant die wordt gedomineerd door hun huidige ‘duistere zijde’ die al het andere zo overschaduwt dat het niet meer kan groeien.

Slavernij en rassenleer

Als historicus kijk ik uit naar de bijdragen die bij De Correspondent gepubliceerd gaan worden in het kader van de door dit medium uitgeroepen ‘Maand van de Verzwegen geschiedenis’. De Correspondent gaat: “onderzoekers en schrijvers die een groter podium verdienen,” dit podium bieden met als uitdaging om: “meer perspectieven op de geschiedenis,” in de schoolboeken te krijgen.

slavernij

Illustratie: Flickr

Niets mis mee, meerdere perspectieven. Zeker niet omdat geschiedenis meestal door de ‘overwinnaars’ en de ‘powers that be’ wordt geschreven en daarbij worden negatieve aspecten van die overwinnaars vaak ‘vergeten’. Onder het aankondigende artikel werd al flink gediscussieerd door lezers en de betreffende onderzoekers en schrijvers. Het thema slavernij kwam hierbij al vrij snel en veel aan bod. Een van de onderzoekers en schrijvers, Miguel Heilbron, nam met name deel aan de discussie omtrent het slavernij verleden en schreef het volgende:

“Maar hierbij lijkt wel vergeten te worden dat de transatlantische slavernij door Europeanen een nieuw element introduceerde, namelijk een rassenleer over superieure witte mensen en inferieure zwarte mensen, en het dehumaniseren van zwarte mensen om slavernij te legitimeren. Ideologieën hieromheen zijn honderden jaren verder ontwikkeld en gereproduceerd en werken door tot op de dag van vandaag. Het lijkt me belangrijk de link te leggen met hedendaags racisme en te zien waar dit vandaan komt.”

Een redenering die je tegenwoordig vaak hoort en door menigeen wordt verkondigd.

Toch knelt er iets aan deze redenering. De transatlantische slavenhandel kreeg vanaf begin zestiende eeuw de wind in de zeilen en ging door tot het moment dat de slavernij werd afgeschaft in 1867 en kende haar hoogtepunt in de achttiende en begin negentiende eeuw. Een handel waarbij Europese kooplui, waaronder Nederlanders, slaven kochten op de markt in Afrika, hen verscheepte naar de andere kant van de Atlantische oceaan en ze daar weer verkocht aan plantagehouders. Aan deze handel werd flink verdiend en dat was dan ook de drijfveer achter deze handel.

Volgens Heilbron werd dit ideologisch ondersteund door een rassenleer over superieure witte mensen en inferieure zwarte mensen’. Bekijken we echter het ontstaan van de rassenleer, dan zien we dat deze eind negentiende eeuw pas werd ontwikkeld door Duitse en Franse wetenschappers. Niet in verband met slavenhandel, de Duitsers namen daar niet aan deel. Nee, in verband met het opkomend nationalisme.

Hoe kan een leer die pas na de afschaffing van de slavernij ontstond, een nieuw element zijn in de transatlantische slavenhandel? Ik ben benieuwd naar Heilbrons ‘alternatief’ voor dit feit.