Uitgelicht

Beelden en Burgerslachtoffers

“Is er genoeg aandacht voor burgerslachtoffers van moderne oorlogvoering?” Die vraag stelt Lennart Hofman zich bij De Correspondent. Aanleiding voor Hofmans artikel is een rapport van Amerikaanse onderzoekers van Airwars: “naar berichtgeving over burgerslachtoffers in Amerikaanse media tijdens de oorlog tegen IS in Syrië en Irak, en ondervroegen bijna honderd Amerikaanse journalisten over de manier waarop zij verslag deden.” Hun conclusie: “Amerikaanse media schoten tekort tijdens de vijf jaar durende oorlog. Soms waren burgerdoden maandenlang geen nieuws, hoewel ook in die periodes veel burgerslachtoffers vielen, zoals de coalitie achteraf zelf heeft vastgesteld.” Dat moet beter, vinden zowel Airwars als Hofman. 

Generaal Van Heutz tijdens de Atjeh-oorlog. Bron: Wikipedia

Het woord ‘moderne’ in de titel intrigeerde mij. Daarom vroeg ik me af en stelde die vraag ook aan Hofman: “Verandert er wat als het woord moderne wordt weggelaten? Was er tijdens de Tweede Wereldoorlog bijvoorbeeld voldoende aandacht voor burgerslachtoffers? Of tijdens welke andere oorlog dan ook? Of alleen voor de ‘eigen burgerslachtoffers?”  Ja, er was aandacht voor burgerslachtoffers. In Nederland was het bombardement op Rotterdam bijvoorbeeld een aanleiding om te capituleren. In Engeland was er veel aandacht voor de bombardementen op steden en de industrie door vliegtuigen en de onbemande V1 en V2 en de burgerslachtoffers die daardoor vielen. Dat weerhield de geallieerden er echter niet van om Duitse steden plat te bombarderen met vele burgerslachtoffers tot gevolg die dan weer in Duitsland werden betreurd. Ik beëindigde mijn reactie naar Hofman met: “Niet om cynisch te zijn, eerder realistisch, burgerslachtoffers horen bij een oorlog. Dat is altijd zo geweest en zal ook altijd zo blijven. De hoeveelheid aandacht die eraan wordt geschonken doet daar niets aan af.”

Volgens Hofman is er echter wel wat veranderd sinds die tijd, zo stelt hij in zijn reactie op mijn vraag: “Wat nu wel anders is dan toen, is dat wij ons hier in Nederland minder bewust zijn van de oorlog die we voeren. Dat komt omdat de oorlog tegen IS ons hier amper raakt, en de Nederlandse militairen die hen bestrijden het er tot nu toe zonder kleerscheuren vanaf brengen.” En dat wordt in de toekomst nog pregnanter zo beweert Hofman: “Wanneer door kunstmatige intelligentie aangestuurde drones in de toekomst doelwitten zullen kiezen en aanvallen neemt ook de cognitieve afstand toe. Die ontwikkelingen die samenhangen met ‘moderne’ oorlogsvoering zorgt ervoor dat we oorlog steeds minder zien, en draagt eraan bij dat wij ons er soms amper bewust van zijn.” Daar hoort, volgens Hofman ook de verminderde aandacht voor burgerslachtoffers bij.

Omdat we zelf niet meer vechten, dat doen drones, en sneuvelen zien we de oorlog steeds minder en zijn we ons er minder van bewust?  Zou dat werkelijk zo zijn? Zouden onze overgrootouders aan het einde van de negentiende eeuw zich bewust zijn geweest van de oorlog die ‘we’ in Atjeh voerden en de burgerslachtoffers die dat opleverde? Toen kwam de informatie, als mensen die al lazen en konden betalen, uit kranten en ‘van horen zeggen’. Zouden onze overgrootouders daardoor niet juist veel minder zien, en dus zich bewust zijn, van die oorlogen en de burgerslachtoffers die daarbij vielen dan wij in ons huidige tijdsgewricht? Nu heeft iedereen een camera en staat alles bijna onmiddellijk op het net. Van die mogelijkheid kon de Atjeeër niet eens dromen. Dat lag buiten zijn bevattingsvermogen. Trouwens niet alleen het zijne.

Politiek, geschiedenis en recht

Een paar weken geleden werd in Polen een wet van kracht die het verbied om te spreken van ‘Poolse concentratiekampen’. Die wet moet, zo viel in de Volkskrant te lezen: “voorkomen dat de regering en het Poolse volk nog langer de schuld krijgen voor de wandaden van de nazi’s.” Want, zo sprak oud-premier Szydlo: “Wij, de Polen, waren slachtoffers, net als de Joden.” Inderdaad waren de Polen ook slachtoffers van nazi-Duitsland, het land werd immers binnengevallen, net als Nederland. Het zijn van ‘slachtoffer’ wil niet automatisch zeggen dat men niet ook ‘dader’ kan zijn in een andere zaak, zoals de jodenvervolging. In Nederland kunnen we daarover meepraten.

Heutsz

Foto: Wikimedia Commons

Ik moest aan deze Poolse wet denken, toen ik las dat het Nederlandse parlement heeft besloten dat er sprake is van een Armeense genocide. Initiatiefnemer kamerlid Voordewind: “We mogen de geschiedenis niet ontkennen uit angst voor sancties. Ons land herbergt nota bene de hoofdstad van het internationale recht, dus we moeten niet bang zijn om ook hierin recht te doen.”

Dat politici de geschiedenisboeken willen halen door geschiedenis te schrijven met hun daden in het heden, is een bekend verschijnsel. Dat politici geschiedschrijvers gaan voorschrijven hoe iets moet worden beschreven, gaat dat niet iets te ver? Moeten politici zich niet bezig houden met het heden en de toekomst? Moeten we de het beschrijven, en benoemen van daden in de geschiedenis niet overlaten aan historici? Daarbij kan het gebeuren dat een gebeurtenis op verschillende manieren wordt beschreven en benoemd.

Als ‘we’ dit dan toch moeten doen omdat ons land de ‘hoofdstad van het recht’ is, waarom dan stoppen bij de Armenen? Kunnen we dan ook een uitspraak verwachten van het parlement dat er sprake was van ‘Boerse-genocide’ gepleegd door de Engelsen tijdens de Boerenoorlog? Een genocide compleet met concentratiekampen. De genocide op de oorspronkelijke volkeren van Noord-Amerika of Australië. En als we toch bezig zijn, hoe staat het met de ‘Atjehse genocide’ gepleegd door Nederland? Een genocide met J.B. van Heutsz in een van de hoofdrollen? Of de genocide op Banda door de VOC onder leiding van J.P. Coen? Om er slechts een paar te noemen.

Sinds wanneer wordt ‘recht’ trouwens gesproken door politici? Zijn daarvoor niet juist rechters aangesteld?