Ajax en de onderwijzer

Tijdens het autorijden luister ik vaak naar Radio 1. Een bericht dat mij niet losliet, handelde over het dreigende basisschoollerarentekort In de Randstad. Om dat dreigende tekort te bestrijden, zijn er meer studenten voor de pabo nodig. Daarom krijgen mbo’ers die naar de pabo willen een krijgen extra een steun in de rug. De toelatingstoetsen vormen nu een drempel en door die steun, een extra ‘training’ van een half jaar, moet die drempel genomen kunnen worden. In dat half jaar moet ze de kennis die ze op het mbo niet aangeboden krijgen, tot zich nemen en kunnen ze wennen aan de andere manier van leren die op een hbo wordt gevraagd.

Ajax en de onderwijzer

Foto: Ajax

Goed dat er maatregelen worden genomen om te zorgen dat er ook in de toekomst voldoende leraren zijn voor de kinderen in het basisonderwijs. Op die basisschool wordt immers de basis gelegd voor de toekomst van onze kinderen. Toch bleef er iets knagen.

Als Ajax, net als trouwens andere voetbalclubs, jeugdigen selecteert voor hun jeugdopleiding, dan halen ze de meest talentvolle spelers eruit, de toppers. Natuurlijk zijn er minder talentvolle spelers of soms zelfs laatbloeiers die ook de top halen via een omweg. De club zal haar selectiesysteem er niet op aanpassen. De kans dat een talent slaagt is immers groter dan dat een minder talentvolle speler de top haalt.

Als het onderwijzen van onze kinderen zo belangrijk is, dan moeten daar onze beste mensen voor worden gezocht? Moet het systeem er dan niet op gericht zijn om juist die toppers voor de klas te krijgen en niet op het verleiden van minder talentvolle jeugdigen? Natuurlijk moet er ruimte zijn voor die minder talentvolle jeugdigen om onderwijzer te worden, maar gaat het systeem erop aanpassen niet wat te ver?

In Nederland gaat inmiddels ruim veertig procent van de kinderen naar een havo of vwo? Daar zitten de toppers tussen, die moeten worden geselecteerd of beter gezegd verleid. En zit dat verleiden niet veeleer in de materiele maar vooral ook de immateriele waardering van het onderwijzersvak? In beloning en maatschappelijk aanzien? Zouden de inspanningen niet daar op gericht moeten worden? Zijn we dat niet verplicht aan onze toekomstige kinderen?

Sociale wijkteams en Zlatan

Nee, niet afhaken, dit gaat niet over voetbal, ik gebruik voetbal als metafoor. Als fervent bezoeker van stadion De Koel zou ik graag zien dat VVV net zo voetbalt als Ajax in het midden van de jaren negentig, of het Barcelona van Guardiola. Dat zit er echter niet in en dat heeft niets te maken met het middel ‘elftal’, maar met de kwaliteit van de spelers. Niet iedere speler is geschikt voor Guardiola’s Barcelona. Zo moest een van de beste spelers van de afgelopen twintig jaar, Zlatan Ibrahimovic het veld ruimen, hij paste niet in het team. Een redelijk beperkte speler als Javier Mascherano wel. Hier moest ik aan denken toen ik op Linkedin een discussie tegenkwam over nut en noodzaak van sociale wijkteams.

ibrahimovic

Foto: www.goal.com

Sociale wijkteams zijn de afgelopen jaren zo ongeveer heilig verklaard. Tegenwoordig zijn ze ongeveer in iedere gemeente actief. Door ‘dichtbij de mensen’ problemen op een ‘integrale’ manier aan te pakken en door dit ‘multidisciplinair’ te doen. Door uit te gaan van de ‘eigen kracht’ van de hulpvrager en het ‘sociale systeem’ om hem heen, zou de hulp en ondersteuning voor mensen verbeteren. En daar blijft het niet bij, niet alleen is de hulp beter, doordat je zo ‘vroeg signaleert’ kan een probleem  ‘vroegtijdig’ worden aangepakt en dat zou een flinke kostenbesparing opleveren.

Aanleiding voor deze discussie is een column van Klaas Mulder op de site Sociaalweb. Mulder twijfelt aan het middel sociaal wijkteam: “Ik vind het moeilijk om mijn studenten uit te leggen dat je meer ‘maatwerk’ krijgt als je alle professionals op een hoop veegt. Ik weet niet precies waarom concentratie van professionals leidt tot meer zelfredzaamheid en burgerkracht. Ik snap niet hoe je preventie wilt bedrijven door jongerenwerk en opbouwwerk af te schaffen en burgers te vertellen dat ze je pas mogen benaderen als ze een probleem hebben.” Hij vindt het een risico om zijn studenten op te leiden tot ‘medewerker sociaal wijkteam’. Een scherpe analyse van Mulder.

Mulder legt de vinger op de zere plek, hij laat zien dat het denken over sociale wijkteams is gebaseerd op niet onderbouwde aannames. Al eerder wees ik op een van die aannames, namelijk dat nabij iets anders is dan dichtbij. Sociale wijkteams zijn een voorbeeld van dichtbij, zijn ze daarom ook nabij? Zoals Mulder schrijft, is de ‘sociale wijkteam hype’ gebaseerd op experimenten in een Leeuwardense wijk met veel problemen. Dit werd een succes en daarom zweren gemeenten nu bij sociale wijkteams en zijn ze alom tegenwoordig. Het succes van Guardiola’s Barcelona was niet het middel ‘elftal’, maar de spelers en coaches. Een elftal heeft immers iedere club. Zou het Leeuwardense succes een succes van het middel ‘sociaal wijkteam’ zijn of van de ‘spelers’ in dit team?