Wakanda

Bij De Kanttekening las ik een interview met Ritania Wirht. In het interview vertelt ze over haar leven in Nederland en Suriname en dat ze zich al op jonge leeftijd bewust was van racisme. “‘Vóór de slavenhandel was Afrika een ontwikkeld continent. De Egyptische piramiden zijn gebouwd door gekleurde mensen met kennis van wiskunde. De gaper bij de drogist is een Moor: zwarten legden de basis voor de geneeskunde. Maar dat weet bijna niemand!”  Aldus Wirht. Een bijzondere uitspraak om meerdere redenen.

Welke huidskleur de bouwers van de piramiden hadden, weet ik niet, ik was er niet bij en Wirht ook niet, maar bij het lezen ervan moest ik denken aan het boek The Lies that Bind. Rethinking Identity van Kwame Anthony Appiah. Appiah behandelt vijf thema’s die in het identiteitsdebat centraal staan: religie, land, huidskleur, klasse en cultuur. En om het kort samen te vatten, de tekst op de kaft: “Appiah laat zien hoe collectieve identiteiten die onze wereld vormgeven doorspekt zijn met tegenstrijdigheden.” Appiah betoogt dat identiteiten van welke soort dan ook, zich, altijd in een tweestrijd ontwikkelen en ik denk dat hij daarin gelijk heeft. Ik moest aan het laatste thema denken: cultuur.

Appiah behandelt cultuur in het zesde hoofdstuk en gaat opzoek naar de oorsprong van wat nu ‘het westen’ en de ‘westerse cultuur’ wordt genoemd. Volgens Appiah is dat iets van zeer recente datum: “Als de notie van het christendom een artefact was van een lange reeks militaire gevechten tegen de moslimmacht, dan kreeg ons moderne concept van de westerse cultuur zijn huidige vorm grotendeels aan het eind van de jaren veertig en vijftig, tijdens de Koude Oorlog. In het heetst van de strijd smeedden we een groots Plato-to-NATO-verhaal over de Atheense democratie, de Magna Carta, de Copernicaanse Revolutie enzovoort. De westerse cultuur was in de kern individualistisch, democratisch, vrijheidslievend, tolerant, progressief, rationeel en wetenschappelijk.[1]Dat verhaal van het westen ontstond in een tweestrijd met de Sovjet Unie. Die werd, beginnend met de val van de Berlijnse muur en eindigend met de implosie van de Sovjet Unie in 1992 beëindigd.

Dat artefact, die notie van het christendom, waar Appiah over schrijft duidt op een eerdere ‘identitaire tweestrijd’. In de periode na de opkomst van de islam stond de scheidslijn tussen de islam en het christendom centraal. Of zoals de islamieten het noemen, de Daral-Islam, het huis van de islam en de Dar al-Kufr, het huis van de ongelovigen. Aan het einde van de achttiende eeuw veranderde hier iets in. Wat er veranderde was dat het Ottomaanse rijk, de mogendheid die christenen als het gezicht van de islam zagen, begon af te brokkelen. Met dat afbrokkelen verdween ook die tweestrijd. Van iets zoals ‘het Westen’ was toen nog zeker geen sprake. Belangrijke landen die nu tot ‘het Westen’ worden gerekend, ontwikkelden in de negentiende eeuw juist hun eigen nationale identiteit in zo’n ‘identitaire competitie’ met elkaar. Een competitie die leidde tot de Napoleontische oorlogen, de Frans-Duitse oorlog en uiteindelijk tot de twee die we nu wereldoorlogen noemen.

Met de implosie van de Sovjet Unie verdween dus het contrapunt van de ‘westerse cultuur’.  Wat niet verdween was de ‘westerse cultuur’ als contrapunt van mogelijke andere groepen die hun eigen identiteit wilden ‘afbakenen’. Groepen zoals moslimextremisten maar ook ‘afrocentristen’. En die heb je in grofweg twee soorten. Aan de ene kant afrocentristen die claimen zat ‘de ‘Grieks-Romeinse cultuur’, waarop de ‘westerse cultuur’ zich beroept Afrikaanse wortels heeft. Appiah haalt Cheik Anta Diop aan als een van de vaders van dat denken, die: “hield vol dat de verworvenheden voortkwamen uit een meer geavanceerde Egyptische beschaving en dat de oude Egyptenaren zwart waren.” Een theorie met: “ bepaalde onhandige implicaties.” Immers: “Als het Westen is voortgekomen uit Griekenland, dat is voortgekomen uit Egypte, erven zwarte mensen dan niet de meer morele aansprakelijkheid van de erfenis van etnocentrisme?” Aan de andere kantafrocentristen die blij zijn om: “Griekenland te veroordelen, terwijl ze de beschavingsprestaties die typisch Afrikaans waren, ophemelden.[2] 

Je kunt de twee kanten natuurlijk ook combineren en dat is wat Wirht doet. Ze claimt de geneeskunde en bouwkunst voor een oude ontwikkelde zwarte Afrikaanse beschaving die de piramides bouwde en aan de wieg stond van de geneeskunde. Een soort antiek ‘Wakanda’ uit de Marvelfilm Black Panther. Slavernij daarentegen, hoorde daar niet bij want dat ‘ontwikkelde continent’, die ‘ontwikkelde beschaving’ was van voor de slavenhandel. Als Wirht met slavenhandel de Trans-Atlantische slavenhandel tussen pak weg 1500 en midden van de negentiende eeuw bedoelt, dan was die beschaving van voor die ‘slavenhandel’. Als ze bedoelt voordat er in slaven werd gehandeld, dan slaat ze de plank behoorlijk mis. Zo was er de Arabisch-Afrikaanse slavenhandel die begint in de negende eeuw en eindigde, met de kolonisatie van Afrika door Europese landen aan het einde van de negentiende eeuw. Vanaf de 17e eeuw was het eiland Zanzibar, dat viel onder het sultanaat Oman, hierin de belangrijkste schakel.  Ja, niet alleen Europeanen handelden in die tijd slaven en deden aan kolonies in die tijd.

Nu zijn de piramides ook van voor die tijd. De oudste piramides stammen uit de tijd van de eerste dynastie (3150 – 2639 BCE). In tegenstelling wat lange tijd werd gedacht, werden ze niet door slaven gebouwd. Dat betekent echter niet het oude Egypte geen slavernij kende. Die kenden ze zeker: “In het oude Egypte kwamen verschillende vormen van dwangarbeid voor. Egyptische dwangarbeiders werden met minimale middelen in hun levensonderhoud voorzien. Krijgsgevangenen van buiten Egypte werden ook aan gedwongen arbeid onderworpen. Daarnaast bestond er slavernij in het oude Egypte: mensen werden als het bezit van andere mensen verhuurd en verkocht.[3] Dus ook in de tijd dat de mensen die piramides bouwden leefden ook mensen in slavernij en konden slaven worden gekocht en verkocht en kon er dus in slaven worden gehandeld.

Dat antieke ‘Wakanda’ moet dan van voor die tijd zijn geweest. Helaas ontbreekt daarvoor elke vorm van bewijs. Nu is het ontbreken van bewijs, geen bewijs van het ontbreken van zo’n antieke ‘Wakanda’. Totdat er bewijs is dat de antiek versie heeft bestaan, is het net zo’n fantasie als de Marvelvariant. Of zou Wirht met die beschaving onze verre voorouder Homo sapiens bedoelen die zo’n 70.000 jaar geleden begon en die er uiteindelijk voor zorgde dat ‘ons soort mensen’ de hele planeet koloniseerde.


[1] Kwame Anthony Appiah, The Lies that Bind. Rethinking Identity, pagina 201. Eigen vertaling

[2] Idem , pagina 203

[3] https://www.rmo.nl/tentoonstellingen/web-exposities/werk-in-het-oude-egypte/

Zucht … (een hele diepe)

Zucht… . Dat is wat ik dacht toen ik een interview met Marvin Hokstam bij De Kantekening las. “Je hebt in het onderwijs islamitische scholen, hindoescholen, joodse scholen en westerse scholen. De afrocentrische identiteit ontbreekt veelal als het om educatie gaat. En die is essentieel voor de toekomst. Om sterk te staan, moet je weten wie je bent.” Daarom is hij blij dat er mensen zijn die zich inzetten voor dit soort onderwijs: “ Want daar zit de oplossing.”

“Discriminatie: als thema is het meer in de media dan ooit. Hoe gaan we met dit fenomeen om? Gaat het de goede of de slechte kant op? Tijd om de tijdgeest te toetsen.” Zo begint Gijs de Swarte zijn artikel en bij dat toetsen gaat hij in gesprek met journalist, onderwijsmanager en ervaringsdeskundige Hokstam. Een gesprek dat langs Keti Koti voert dat Hokstam niet viert want: “Hoe kun je vieren dat je iets terug kreeg dat nooit van je afgenomen had mogen worden?  … Waar het om gaat is dat we zaken definiëren met de hier dominante witte cultuur als uitgangspunt. Oké, de witte mensen in de koloniën kwamen er in 1863 eindelijk achter dat wat ze deden niet kon. De tot slaaf gemaakten in de eeuwen daarvoor waren daar, denk ik, al wat eerder aardig van op de hoogte.” Ja, die ‘witte mensen in de koloniën’ schaften in 1863 de slavernij af, tenminste in Nederland. De ‘witte Engelsen’ gingen in 1833 voor, de ‘witte Fransen’ schaften de slavernij in 1794 tijdens het schrikbewind van Robespierre af. Die afschaffing werd in 1802 door Napoleon weer ongedaan gemaakt en in 1848 werd slavernij weer afgeschaft. Die ‘witte Europeanen’ waren de eersten die slavernij afschaften. Ik kan een tweede zucht niet onderdrukken.

Nu kan het aan Google liggen dat menigeen niet lijkt te weten dat de trans-Atlantische slavenhandel niet de enige en zeker niet de eerste keer was dat mensen andere mensen als koopwaar beschouwden. Google op ‘afschaffing slavernij wereld’ of ‘slavernij wereldwijd’ en je krijgt flink wat hits. Je krijgt ook de categorie: ‘Mensen vragen ook’. Een van de vragen is “Welk land is begonnen met de slavernij”. Als je erop klikt krijg je het volgende te lezen: “Portugezen stichten in de vijftiende eeuw de eerste Europese kolonies gebaseerd op slavernij: in suikerplantages langs de Afrikaanse kust en later ook op grote schaal in Brazilië.” De gemakkelijke, luie lezer zal hieruit concluderen dat ‘die koloniale Europeanen de slavernij hebben uitgevonden.’ Zeker als het gros van de overige hits verwijst naar die trans-Atlantische slavenhandel en als het antwoord op de ook voorgekookte vraag “Hoe lang duurde de slavernij’” luidt: “De slavernij duurde zo’n tweehonderd jaar en in die tijd werden meer dan 12 miljoen Afrikanen uit hun land verscheept naar Curaçao, Suriname en Brazilië. Om te vergelijken: Nederland heeft 17 miljoen inwoners.”

Het antwoord op de vragen welk land er begon met slavernij en hoe lang slavernij duurde, is niet te geven. De oudst bekende verwijzing naar slavernij is van zo’n 38 eeuwen geleden en is opgenomen in de Codex Hammurabi. Op verschillende plekken wordt hierin over slaven gesproken. Deze eerste vermelding wil niet zeggen dat Babyloniërs slavernij hebben geïntroduceerd. Slavernij was eeuwenlang, hoe lang weten we niet omdat niemand weet wanneer een eerste mens tot slaaf werd gemaakt, een normale praktijk. Normale praktijk wil niet zeggen dat er geen verzet tegen was.  

Dan die 12 miljoen (eigenlijk12,5 miljoen) dat zijn er veel. Voor de gevoeligen onder ons komt er nu wat kil rekenwerk. 12,5 miljoen in driehonderd jaar, dat zijn er net geen 42.000 per jaar. Dat zijn er veel. Het boek De Zijderoutes van Peter Frankonpan bevat een hoofdstuk met als titel De slavenroute. Dit hoofdstuk laat zien dat die 12,5 miljoen in 300 jaar, want zolang duurde de trans-Atlantische slavenhandel, en dus gemiddeld 42.000 per jaar, geen uitschieter was. Ik citeer: “Recent onderzoek lijkt erop te wijzen dat het Romeinse rijk op het hoogtepunt van zijn macht elk jaar zo’n 250.000 à 400.000 nieuwe slaven nodig had om het slavenbestand op peil te houden[1].” Dat zijn er tussen de zes en ruim negen keer meer dan er jaarlijks werden verscheept via de Atlantische slavenroute. Het toppunt van het Romeinse rijk besloeg ook ongeveer 3 eeuwen en met 250.000 slaven per jaar, komt dat neer op zo’n 75 miljoen verhandelde slaven. Inderdaad werden die niet allemaal in schepen verpakt. Om jaarlijks aan die hoeveelheid nieuwe slaven te komen, zullen er onderweg ook wel de nodigen zijn gesneuveld. Naast het Romeinse rijk op zijn hoogtepunt, lag ook nog het Perzische rijk en ook dat kende slaven. Slik! Nog meer!

Ook na de Romeinse tijd zette het gebruik zich voort. Zo vormde de slavenvangst en -handel een van de standaardpraktijken van de Noormannen en struinden de islamitische rijken de grenzen van hun gebieden af naar slaven. Het koninkrijk Mali dat grofweg van de 14e tot de 16e eeuw bestond, verdiende grof geld met slavenhandel, ook aan de trans-Atlantische slavenhandel. En nee, het zijn ook niet die ‘witte westerlingen’ die het intituut slavernij in de Amerika’s introduceerden. Het instituut was ook in die contreien al bekend. Graeber en Wengrow beschrijven, in hun Het begin van Alles, de slavernij onder de oorspronkelijke bewoners van de Amerika’s[2].

Aan die praktijk kwam vanaf het midden van de negentiende eeuw een einde. Dat einde begon toen ‘witte Europeanen’ het gingen verbieden. En nee, dit is niet: “definiëren met de hier dominante witte cultuur als uitgangspunt,” zoals Hokstam beweert. Het is een beschrijving van de feitelijke situatie. Op een punt na dan en dat is dat er tegenwoordig nog steeds mensen in slavernij leven. Volgens de site van Amnesty International zijn er tenminste 40 miljoen mensen die in een vorm van moderne slavernij leven. Dus dat is bij deze ook hersteld.

Tot zover de laatste zucht. Terug naar de eerste, de afrocentrische scholen die volgens Hokstam de oplossing zijn. Afrocentrische naast: “islamitische scholen, hindoescholen, joodse scholen en westerse scholen.” Als eerste de vraag wat ‘westerse scholen’ zijn? Zijn dat scholen op katholieke, hervormde, gereformeerde of welke andere christelijke stroming dan ook? Zijn dat de vrije scholen of de openbare? Wat is een westerse school? Nu is mijn zucht geen gevolg van deze vraag.

Die zucht is een gevolg van mijn verbazing dat een in Suriname geboren man die al jaren in Nederland woont, zijn heil zoekt in afrocentrisme. In een, om Wikipedia aan te halen: “culturele ideologie of wereldbeeld waarbij Afrika, zwarte Afrikanen en hun afstammelingen centraal worden geplaatst .” Een, zo lees ik verder, een: “Afrikaans-Amerikaans geïnspireerde ideologie die een bevestiging van zichzelf manifesteert in een eurocentristisch gedomineerde maatschappij …  In het algemeen is afrocentrisme vaak gemanifesteerd in een focus op Afrikaans-Amerikaanse cultuur en de geschiedenis van Afrika, en bevat dit vaak een Afrikaanse diaspora-versie van een rond Afrika gecentreerde kijk op de geschiedenis en cultuur om de prestaties en ontwikkelingen van gemarginaliseerde Afrikanen te portretteren.”  Zou dit, om Hokstams doel aan te halen kinderen helpen om te weten wie ze zijn, zodat ze sterk staan? Waarom moeten Nederlandse kinderen worden ondergedompeld in een Afrikaans-Amerikaanse ideologie die zich selectief geschiedenissen en gebeurtenissen, om het woord maar te gebruiken, toe-eigent van het Afrikaanse continent en daar een allegaartje van maakt? Waarom moeten Nederlandse kinderen een Afrikaan-Amerikaanse identiteit ontwikkelen om zichzelf te kennen? Voor welk probleem zou dit een oplossing zijn? Maar belangrijker. Als een eurocentrisme het wereldbeeld van mensen vertekent, zou dat dan niet ook gelden voor een afrocentristisch? Wordt het ene kwaad dan niet ingewisseld voor een ander?

Mijn grootste zucht betreft echter het klakkeloos overnemen van dit betoog als betrof het de waarheid door journalist Gijs de Swarte. Geen enkele kritische vraag. Zelfs niet als De Swarte de vraag stelt: “De in Nederland dominante witte cultuur als uitgangspunt. Waar zie je dat nog meer?” En Hokstam antwoordt met: “Het is overal aanwezig, natuurlijk. Maar om een groot voorbeeld te geven: denk aan het feit dat de slavenhouders door de Nederlandse staat werden gecompenseerd voor het bedrijfsmatige verlies dat het einde van de slavernij voor hen met zich meebracht.” Een gebeurtenis uit de jaren zestig van de  negentiende eeuw, inmiddels 160 jaar geleden. Een niet erg actueel voorbeeld van het centraal stellen van eigendom. Geen enkele kanttekening. Terwijl er toch de nodige te maken zijn zoals ik in deze prikker doe.


[1] Peter Frankonpan, De Zijderoutes, pagina 150

[2] David Graeber en David Wengrow, Het begin van Alles, pagina 206-213