Statistiek en voetbal

“Twee Spaanse wiskundigen zien in Daley Blind een mogelijke opvolger van Xavi, spelverdeler der spelverdelers van het grote FC Barcelona.” Hun conclusie is gebaseerd op statistische methoden. Zo valt te lezen bij De Correspondent in een artikel van Michiel de Hoog.

Statistiek en sport en dan vooral voetbal. Als ik daaraan denk dan moet ik denken aan het zeer lezenswaardige en aan te bevelen boek De Barbaren van de Italiaan Alessandro Baricco en dan vooral aan de korte passage waarmee hij de modernisering van het voetbal samenvat: Baggio op de bank! Voor degenen van jullie die het niet weten of niet meer weten. Roberto Baggio was een geniale ouderwetse nummer tien. Een spelmaker om je vingers bij af te likken, omdat hij oplossingen verzon die niemand zag en die niemand kon uitvoeren. Alleen jammer dat hij een van de spelers was die in de beslissende strafschoppenreeks in de finale van het WK van 1994 namens Italië een strafschop miste.

Baggio(foto: yarisaha.com)

Als een van de voorbeelden van barbaren aan het werk, behandelt hij het voetbal. Het woord barbaren heeft een negatieve klank, maar Baricco weet zijn aanvankelijke ‘angst voor’ de barbaren te overwinnen en bewondert ze uiteindelijk. Barbaren staat synoniem voor een steeds oppervlakkiger worden van de samenleving. Oppervlakkiger maar wel sensationeler, omdat het spel beweeglijk en sneller is geworden.

Baricco behandelt hierbij dus ook het voetbal en ziet dat spelers steeds meer verschillende zaken moeten kunnen. Een verdediger moet kunnen aanvallen en een goede voorzet kunnen geven, een aanvaller moet meeverdedigen en een man kunnen uitschakelen en een keeper moet goed kunnen meevoetballen. Eigenlijk moet, cru gezegd, iedere speler alles een beetje kunnen. Generalisten dus, geen specialisten. Specialisten als Baggio, die zelf tegenstanders omspeelde, een geniale steekpass of een lange dieptepass gaf, maar die niet meeverdedigde, passen niet in de nieuwe manier van voetballen.

Generalisten hebben een redelijke techniek (aannemen en passen in een hoog tempo), hebben een redelijk inzicht maar dan wel op kleine afstand, kunnen redelijk koppen en kunnen redelijk hard rennen. Zet er tien van in het veld en zo’n keeper die ook een bal kan aannemen en passen en je hebt het huidige voetbalelftal.

Een elftal dat, als het de bal heeft, deze van voet tot voet laat rondgaan en dan hoopt een speler via deze passing in scoringspositie te brengen. Hoe beter de generalisten, hoe sneller de bal rondgaat. Want alleen door op hogere snelheid te spelen, kan van een tegenstander worden gewonnen. Zie daar de manier van voetballen van bijna alle elftallen. Voetballen gebaseerd op het snel rondspelen van de bal, uitschakelen van toeval en het voorkomen van fouten. Al gaat dat laatste op lagere niveaus (zoals de afgelopen weken bij de Europese wedstrijden van Ajax bleek) voor wat betreft het voorkomen van fouten, nog geregeld fout. Fouten die de specialisten uit vroeger tijden niet zouden maken.

Blind, maar ook Kroos, Alcantara, is een prototype van zo’n moderne voetballer. Op alle plekken inzetbaar en haalt op al die plekken een voldoende. De betere generalisten (de Kroossen en Xavi’s) halen zelfs een zeven. Een negen zullen zij echter nooit halen. Negens worden gehaald door geniale specialisten zoals Baggio. Die doen onverwachte dingen en dat past niet in het moderne voetbal. Specialisten, de vroegere klassieke buitenspeler of klassieke libero, worden alleen verrast door geniale specialisten zoals Baggio. Die komen tegenwoordig alleen van pas als het team van generalisten vast is gelopen, geen kansen creëert en/of te voorspelbaar speelt. Vandaar Baggio op de bank! Maar ja, daar selecteren de clubs niet meer op, dus hebben ze niemand achter de hand om te verrassen. De enige variant die dan nog gespeeld kan worden is een variant die zelfs generalisten kunnen spelen, de oude Engelse variant: de lange bal naar een grote spits. Alleen is die variant voorspelbaar en zelden meer effectief ook omdat de juiste spits hiervoor ontbreekt. Dat is immers ook een specialisme waarop niet meer wordt geselecteerd.

Baricco vat dit samen in de volgende prachtige zinnen: “Om ervoor te zorgen dat er alles kan gebeuren op elk deel van het veld, moet je snel rennen, snel spelen, snel denken. Middelmatigheid is snel. Genialiteit is traag. In middelmatigheid vindt het systeem een snelle omgang van ideeën en handelingen; in de genialiteit, in de diepzinnigheid van de edelste individu, wordt dat ritme doorbroken.”

Toeval uitsluiten en fouten voorkomen. Dit lijkt verdacht veel op statistiek, daarom past statistiek bij het moderne voetbal. Alleen moet nog worden ontdekt hoe de statistische gegevens precies te beoordelen. Statistiek is bedoeld om patronen zichtbaar te maken, fouten te voorkomen, om toeval uit te sluiten. Statistiek past niet alleen bij voetbal. Het past bij onze huidige manier van leven. Een manier van leven die is gebaseerd op snelheid, maar vooral op voorspelbaarheid en het voorkomen van fouten. Een oppervlakkige, maar wel snelle en beweeglijke manier van leven. Een manier van leven zonder diepgang. Volgens Baricco de manier van leven van de huidige barbaren.

Prikker, donderdag 6 augustus 2015

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s